home-pagina
Grote Markt 3 9300 Aalst   
info@aalst.be   
053 73 23 23    
foto Thuis in de stad





Tekst onleesbaar?



contacteer de stad Aalst

leefmilieu: groen en natuur


Landschapsproject Erembald tot Kravaalbos 

De Vlaamse overheid, de besturen van de stad Aalst, de gemeenten Affligem, Asse, Merchtem en Opwijk, en de provincies Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant slaan sinds oktober 2010 de handen in elkaar om werk te maken van een betere inrichting en organisatie van deze streek in al haar facetten. Dit gebeurt via de werking van het strategisch project Landschap van Erembald tot Kravaalbos. De projectpartners hebben zich verbonden tot de uitvoering van maatregelen om de open ruimte in dit landschap op te waarderen.

Samen timmeren aan de toekomst
Zij doen dit niet alleen; talrijke andere partners werken hieraan mee zoals enkele Vlaamse administraties (het Agentschap voor Natuur en Bos, de Vlaamse Landmaatschappij en de
Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling), de regionale landschappen en verenigingen actief in jacht, natuur, landbouw, bosbeheer, recreatie en jeugdwerking. Maar ook grondeigenaars en grondgebruikers zijn belangrijke projectpartners voor ons. Ook wensen en ideeën van buurtbewoners zijn welkom en helpen het project vooruit.

Kom er alles over te weten in de infobrochure. Klik op onderstaande foto om ze te downloaden (61 MB - pdf):
 
Landschapsproject

Meer informatie 
Leen Martens
Coördinator Strategisch Project Landschap van Erembald tot Kravaalbos
tel. 053 73 24 18
gsm: 0470 92 33 66 
fax: 053 73 24 19
leen.martens@aalst.be

Correspondentie-adres
Stad Aalst, dienst Leefmilieu, sectie Groen en Ecologisch Beleid, Grote Markt 3, 9300 Aalst

Bezoekersadres
Stad Aalst, dienst Leefmilieu, Zwarte Zustersstraat 8, 9300 Aalst

 

Voor meer info: brochure landschapsproject Erembald tot Kravaalbos (61 MB - pdf)


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 12 december 2012

De natuur in cirkels 
Misschien heb je al eens mysterieuze cirkels van takken opgemerkt achter de spiegelvijver in het stadspark of in natuurgebied de Gerstjens. Dit is niet het werk van de kabouters maar van de mensen van de Groendienst. Zij leggen met snoeihout deze takkenrillen aan. Een milieuvriendelijke manier van afvalverwerking in de natuur, die nog decoratief is ook.

Snoeihout wordt vaak verhakseld en uitgestrooid, maar op sommige plaatsen kiest de Groendienst er bewust voor dat niet te doen. De hakselmachine stoot namelijk heel wat CO2 uit en dat is schadelijk voor het milieu. Bovendien kan de verhakselaar de waardevolle bodem in natuurgebieden beschadigen. Soms is het ook praktisch onmogelijk om met de hakselmachine de natuur in te trekken, bijvoorbeeld in drassige gebieden of diep in het bos. Daarom maakt de Groendienst op meer en meer plaatsen takkenrillen, een vlechtwerk van takken en snoeiafval. Deze takkenrillen zijn enorm waardevol voor de natuur. Kleine zoogdieren en insecten kunnen erin overwinteren. Het is een ideale nestelplaats voor bepaalde vogels zoals winterkoninkjes en roodborstjes. Ook kevers, zwammen en andere houtafbrekers kunnen er terecht. Kortom, zo’n takkenrillen hebben een groot ecologisch belang.

De groendienst legt een takkenril aan


Creatief met snoeihout
Er ligt een takkenril achter de spiegelvijver in het stadspark. Ook in het zwembadpark verwerkte de Groendienst op deze milieuvriendelijke manier snoeiafval. Maar de grootste takkenrillen kan je vinden in natuurgebied de Gerstjens. Daarbij lieten de mensen van de Groendienst hun creativiteit de vrije loop. Een kleine en een grote takkencirkel smelten samen: in de kleine cirkel staat een eik, het symbool van mannelijkheid, en in de grote cirkel zal de Groendienst een linde aanplanten, het symbool van vrouwelijkheid.

Een takkenril in natuurgebied de Gerstjens


Doe het zelf!
Eerst plaatst de Groendienst palen in een bepaald patroon. Die worden dan opgevuld met snoeiafval en regelmatig aangevuld, want de onderste laag breekt altijd af. Het vergt iets meer werk dan verhakselen, maar het is wel veel leuker. De werkmannen hoeven geen beschermende kledij aan te trekken en ze blijven ook gespaard van het enorm lawaai van de verhakselaar. Naast milieuvriendelijk zijn takkenrillen ook erg decoratief. Heel wat wandelaars zijn erg enthousiast over het creatieve vlechtwerk. Wie inspiratie heeft opgedaan, kan thuis ook aan de slag. Want ook in je eigen tuin zijn takkenrillen de ideale manier om snoeihout te verwerken.

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op donderdag 5 februari 2009

De stad geeft de slechtvalk een nieuwe thuis 
De stad, Natuurpunt (vogelwerkgroep Cinerea) en de kerkfabriek Sint-Jozef zorgen samen voor een nestkast voor slechtvalken op de Sint-Jozefkerk.

In de middeleeuwen was de slechtvalk de meest voorkomende valk in Vlaanderen. Tot in de eerste helft van de twintigste eeuw overwinterde deze roofvogel zelfs nog in diverse Vlaamse steden zoals Antwerpen en Mechelen en kon men broedgevallen optekenen in bomen op Kempense heideterreinen. In de jaren zeventig stierf hij in België als broedvogel uit.

foto slechtvalk bron: G. Robbrecht-FIR
foto bron: G. Robbrecht - FIR

Stand van zaken nu
Inmiddels heeft het bestand zich weer goed hersteld, vooral door actieve bescherming van nestplaatsen en door het bannen van een aantal schadelijke pesticiden. Het Fonds voor de Instandhouding van Roofvogels (FIR) installeerde met succes speciale nestkasten op koeltorens en hoge schoorstenen als alternatief voor rotsrichels. De slechtvalk kiest de laatste jaren zelfs voor hoge gebouwen in drukke stadscentra: de St- Michielskathedraal te Brussel, de St-Baafskathedraal te Gent en het belfort van Brugge. Afgelopen winter liepen er diverse waarnemingen binnen van slechtvalken in de Denderstreek. Vooral de pilonen in het Denderbellebroek zijn een vaste pleisterplaats geworden voor deze prachtige roofvogel. De Vlaamse populatie gaat nog steeds in stijgende lijn en al die jonge vogels hebben stilaan nood aan nieuwe broedplaatsen.

Alternatieve kansen
Daarom keek vogelwerkgroep Cinerea van Natuurpunt uit naar een geschikte nestplaats in onze streek. Het oog viel op de Aalsterse Sint-Jozefskerk: met 60 meter het hoogste punt van Aalst en er wordt af en toe al een slechtvalk gesignaleerd. De parochie ging akkoord. De stad bleek bereid voor de aanmaak en plaatsing van de nestkast te zorgen. Acties voor de bescherming van bedreigde diersoorten kaderen immers in het Aalsterse milieubeleidsplan.
De nestkast is een zware houten kast van 70-70-50 cm met een isolerende bodem gevuld met fijne kiezel.
De opvolging (onderhoud van de nestkast, ringen van de jongen) zal gebeuren door Natuurpunt Aalst, in samenwerking met het FIR en met lokale vogelringers.

Andere voordelen van het project
Door het ruime aanbod van voedsel en het gebrek aan natuurlijke vijanden heeft zich ook in Aalst een overpopulatie van verwilderde duiven ontwikkeld. De uitwerpselen ontsieren en schaden de gebouwen. Ze bevatten een hoog gehalte aan ammoniak dat de stenen aantast. Dat brengt veel onderhoudskosten met zich mee. In een stadsomgeving jaagt de slechtvalk bijna uitsluitend op de prooi die het gemakkelijkst voorhanden is: de stadsduif. En een koppel slechtvalken eet in de broedperiode gemiddeld 5 duiven per dag! Zijn loutere aanwezigheid zal bovendien duiven verjagen. De komst van de slechtvalk kan dus op een natuurlijke wijze helpen om het nu nog verstoorde evenwicht in de duivenpopulatie te herstellen.

De slechtvalk is een prachtige vogel die tot de verbeelding spreekt. Hij dankt zijn vermaardheid aan de adembenemend steile duikvluchten waarmee hij zich vanuit de hoogte met grote snelheid op zijn prooi stort. Als er een vaste broed- en pleisterplaats ontstaat, is dit een meerwaarde op wetenschappelijk, educatief en toeristisch vlak. Dan zijn op termijn immers ook allerlei educatieve activiteiten mogelijk: observaties voor het grote publiek, betrokkenheid van scholen, plaatsing van een nestcamera… Hopelijk kan dit de Aalsterse bevolking bewegen tot meer begrip en zorg voor de natuur, ook in de stad.


Rik De Baere
Natuurpunt Aalst                                
tel. 053 21 29 13
rikdebaere@tiscali.be

 

logo Natuurpunt


Enkele links:
Infobrochure van FIR over de Slechtvalk in België: http://www.electrabel.be/corporate/aboutelectrabel/documents/mmiv_peregrine_falcons_nl.pdf

De belevenissen van de Brusselse slechtvalken: http://www.kbinirsnb.be/falcoperegrinus/index.htm

Website over slechtvalken met webcam: http://www.planet.nl/planet/show/id=2219209/sc=cf508f

Nederlandse website met webcam (tijdens de broedperiode): http://www.werkgroepslechtvalk.nl/ccms.100.html

Een van de oudste nestkasten in VS met (tijdens de broedperiode) 4 webcams en scherpe beelden: http://www.kodak.com/eknec/PageQuerier.jhtml?pq-path=8960/2017&pq-locale=nl_NL

te contacteren dienstdienst Leefmilieu
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 11
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op donderdag 5 februari 2009

Ecologische inrichting van de Gerstjensvijver 
Eén van de doelstellingen in het natuurinrichtingsproject Osbroek-Gerstjens is het herstel van de waardevolle fauna en flora in de Gerstjensvijver

In het gebied Osbroek-Gerstjens worden natuurinrichtingswerken uitgevoerd. De bedoeling is om de natuurwaarden te verhogen in dit 190 ha grote gebied. Het project werd opgestart door de Vlaamse Overheid (Vlaamse Landmaatschappij samen met het Agentschap voor Natuur en Bos). De stad Aalst werkt actief mee aan de natuurinrichting.

Eén van de doelstellingen in het natuurinrichtingsproject Osbroek-Gerstjens is het herstel van de waardevolle fauna en flora in de Gerstjensvijver. Tot midden de jaren tachtig zorgden waterranonkels, gedoornd hoornblad, gekruld fonteinkruid en gele waterkers in het voorjaar en de zomer voor een prachtig kleurenpalet op het wateroppervlak. Om verlanding tegen te gaan werd de vijver toen plaatselijk 0.5 m verdiept. Door de verdieping van de vijver is vermoedelijk een kleilaag die de vijver waterdicht maakte doorbroken, waardoor er een permanente voeding met grondwater tot stand kwam. Hierdoor valt de vijver ook in september niet meer droog.

Dit periodieke droogvallen van de vijver is echter noodzakelijk voor het behoud van de karakteristieke planten- en dierengemeenschappen die de vijver vroeger zo sterk typeerden. Om dit verschijnsel weer in ere te herstellen, moet de waterdichte kleilaag in de bodem weer hersteld worden, zodat, er geen grondwater meer doorheen kan.

Echter, doordat de vijver al een tiental jaren permanent waterhoudend is, zijn er ondertussen vissen in gekomen. De vissen zouden uiteraard sterven als het water wordt afgelaten om de kleilaag te herstellen. Ook nadien zouden de vissen het moeilijk krijgen als de vijver jaarlijks een tijdje droog komt te vallen.

Om de aanwezige vissen van dit doemscenario te redden, hebben de brandweer van Aalst samen met de visserijbioloog van het Agentschap voor Natuur en Bos op 16 maart de aanwezige vissen afgevangen. Hiervoor werd gebruik gemaakt van elektrovisserij, een speciale techniek die toelaat om de vissen te verdoven en te vangen zonder dat ze daarbij schade oplopen.

De gevangen vissen werden vrijgelaten in een Wetterse visvijver, die voldoende diep en groot was om de vissen een geschikte nieuwe thuis te bieden. In totaal werd zo’n 80 kg vissen afgevangen, voornamelijk kleine schubkarpertjes en giebels.

Na deze afvissing wordt de vijver verder leeggepompt tot op het oorspronkelijke bodempeil zodat de bodem  kan onderzocht worden en later hersteld worden. Hierdoor zal de vijver éénmaal per jaar droog komen te staan, waardoor de vroeger aanwezige planten en dieren er zich opnieuw kunnen settelen. Vissen zullen in deze vijver niet meer kunnen overleven en zo ook het ecologisch evenwicht niet meer kunnen verstoren. Vooral karperachtigen wervelen immers door hun manier van voedselzoeken slibdeeltjes op die algengroei bevorderen en het water vertroebelen. Er kan geen licht meer doordringen in het water, waardoor geen plantengroei meer mogelijk is en uiteindelijk ook dieren zoals salamanders en kikkers verdwijnen.

 

.

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 12
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 31 maart 2010

Er komt meer bos in en rond Aalst! 
Aalst is net als de rest van Vlaanderen een bosarme regio met een aantal versnipperde bossen. De stad wil deze lapjes bos via bosuitbreiding zoveel mogelijk met elkaar verbinden en vroeg daarvoor subsidies aan bij de Vlaamse overheid… met succes!

De stad wil enerzijds het Kravaalbos uitbreiden en anderzijds werk maken van het toekomstige stadsbos Erembald. Omdat bosuitbreiding een complexe en moeilijke opdracht is besloot Aalst dit dossier in te dienen als strategisch project bij de Vlaamse overheid. Van alle ingediende projecten over Vlaanderen kregen enkel de tien meest gewaardeerde subsidies. Aalst is één van de gelukkigen. Dit betekent dat de stad gedurende drie jaar geld krijgt voor het aanstellen van een personeelslid dat de bosuitbreiding moet realiseren.

Stadsbos Erembald
De stad werkt volop aan een stadsbos. Deze droom wordt waargemaakt in het gebied van het Kluisbos in de richting van natuurgebied de Gerstjens en verder naar Ten Bos en Ressebeke in Erembodegem. Een oude benaming van Erembodegem was ‘Erembaldegem’; vandaar de keuze om het toekomstige stadsbos ‘Erembald’ te noemen. Een deel van het nieuwe bos is er al en staat bekend onder de naam Somergembos. Een eerste aanzet die mogelijkheden schept tot uitbreiding van dit bosgebied is de herbestemming van de kouter Heuvel tot recreatief groengebied.

Bos over de grenzen
Naast het stadsbos is de uitbreiding van het Kravaalbos een prioriteit voor Aalst. Het Kravaalbos is gelegen op de grens van Meldert, Asse en Opwijk en heeft dan ook een regionale dimensie. Het is ongeveer 80 hectare groot en net zoals het Zoniënwoud en het Hallerbos is het een overblijfsel van het vroegere Koolwoud dat volledig midden-België bedekte tot aan de vroege Middeleeuwen. Het is de bedoeling om dit historisch bos uit te breiden en in ere te herstellen.

zoekzone

Landbouw blijft
Hoe zal de stad de bosuitbreiding in deze twee gebieden aanpakken? Daarvoor zijn er verschillende pistes. Enerzijds zullen de stad Aalst, de aangrenzende gemeenten en de Vlaamse overheid geschikte gronden aankopen. Anderzijds zullen particulieren gestimuleerd worden om zelf te bebossen. Als je meer dan een halve hectare bebost krijg je een aanzienlijke subsidie. Zo kan het voor landbouwgronden die niet meer gebruikt worden een waardevolle en duurzame oplossing zijn om er bos van te maken. Het is uiteraard steeds de bedoeling om landbouwers die dat wensen verder alle kansen te bieden om hun beroep uit te oefenen. Of het aangewezen is te bebossen hangt af van een aantal factoren. Is het perceel nog waardevol voor landbouw? Sluit het aan bij een bestaand bos of een beek? En was er vroeger ook al bos?

Bos voor planten, dieren en mensen
Eerst en vooral is het de bedoeling om de bestaande waardevolle bossen aan elkaar te rijgen door middel van bosuitbreidingen, beekvalleien en kleine landschapselementen zoals bomenrijen, hagen en houtkanten. Via deze ‘groene eilandjes’ kunnen planten en dieren zich van het ene leefgebied naar het andere verplaatsen. Hierdoor wordt de ecologische draagkracht van het gebied versterkt. Bosuitbreiding is niet alleen nuttig voor planten en dieren, ook voor mensen biedt dit een grote meerwaarde. In een bos kan je onbezorgd en veilig wandelen, fietsen, spelen, tot rust komen of gewoon genieten van de groene omgeving. Binnen beide bossen zal dan ook ruimte voorzien worden voor nieuwe fietspaden, wandelpaden en speelzones.

 

te contacteren dienstdienst Leefmilieu
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 11
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 3 maart 2010

Gevraagd: woning of appartement te huur 
Door het verdwijnen van natuur en open ruimte worden tuinen – zelfs de kleinste stadstuintjes – steeds belangrijker als woongebied voor bepaalde vogels. Heb jij nog een plekje vrij voor een gevleugeld gezinnetje?

In een milieuvriendelijk beheerde tuin vinden talloze vogels water, beschutting en nestgelegenheid. Toch kan er in een tuin die goed is voorzien van volgroeide bomen, dichte klimplanten en struiken een tekort zijn aan geschikte nestplaatsen.

Insecteneters
Niet-holenbroeders zoals merels, vinken en duiven vinden in zo’n tuin wel een hoek om te nestelen, maar holenbroeders hebben echter dode of rotte bomen nodig en die zijn doorgaans zeer schaars. Mezen, vliegenvangers, roodstaarten, kwikstaarten, boerenzwaluwen, steen- en bosuilen e.d. maken dan ook gretig gebruik van nestkasten die de natuurlijke (boom)holten vervangen. Verschillende types nestkastjes aanbrengen trekken ook verschillende vogelsoorten aan. De holenbroeders zijn niet alleen mooi in je tuin, deze kleine zangers zijn hoofdzakelijk insecteneters die een belangrijke rol spelen bij het voorkomen van plagen.

Waar en wanneer een nestkastje?
De beste kans op bezetting krijg je door nestkastjes in de herfst op te hangen. In de winter kunnen ze dan reeds gebruikt worden als schuil- en overnachtingsplaats. In een rustige tuin hang je nestkasten op ooghoogte: op 1,50 tot 1,80 meter boven de grond. Waar er meer kans op verstoring is, is een hoogte van 2.,50 tot 3.50 meter aangeraden. Een nestkast moet onbereikbaar zijn voor katten. Hang een nestkast ook nooit pal in de zon of op de regenzijde. De vliegopening moet steeds naar het licht gericht zijn, het best naar het zuidoosten en de aanvliegroute moest steeds vrij zijn. Je doet de toekomstige ouders een plezier door na elk broedsel het nestmateriaal te verwijderen en het kastje te kuisen door er bijvoorbeeld heet water door te gieten.

Meerdere nestkasten
Door meerdere kasten te hangen in de tuin vergroot je het aanbod aan broedplaatsen en door verschillende soorten nestkastjes vergroot je het soortenaantal. Tussen twee nestkasten van hetzelfde type hou je best een minimumafstand van ca. 10 meter. Kasten voor verschillende soorten hangen het best op 3 meter van mekaar. Veel vogels hebben immers een territorium te verdedigen, zodat nestgelegenheden dicht bij elkaar leiden tot onderlinge ruzies en dat kost onnodig veel energie.

Welke nestkast in jouw tuin?
Meer dan 40 vogelsoorten maken frequent gebruik van nestkasten. Kool- en pimpelmees zijn daarvan veruit de best gekende. Welke vogelsoorten jij als broedvogels in je tuin kunt verwachten, hangt immers in de eerste plaats af van de tuin en zijn directe omgeving en pas in de tweede plaats van welk type nestkast je aanbiedt. In de handel vind je een groot aantal nestkasten zowel in hout als in beton. Handige Harry’s kunnen gemakkelijk zelf een nestkastje in mekaar timmeren.

Hierna vind je enkele aanwijzigen:

Vogel In welk landschap Invlieg-
opening
Waar hangen
Pimpelmees
Koolmees
Boomklever
Huismus
Huiszwaluw
Boerenzwaluw
Winterkoning
Roodborst
Tuinen met veel bomen en struiken
Omgeving gebouw
Oud landschap, parken
In de omgeving van mensen
Alleenstaande gebouwen, bruggen
Open of halfopen landschap
Tuinen met veel bomen en struiken
Tuinen met veel bomen en struiken
2.6-2.8 cm
3.0-3.2 cm
3.2 cm
3.5 cm
halfopen
plateau
min.5 cm
5 cm

 

Tegen boom
Tegen boom of eventueel gebouw
Tegen boom
Tegen bebouwing
Tegen gebouw of dakrand
Binnen in stal of garage
In struik of tegen gebouw
Tegen boom, struik of ander afdak

 

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 12
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 7 december 2009

Honderden padden van een gewisse dood gered 
De stad en Natuurpunt vzw maakten paddenoverzetplaatsen.

Als padden, kikkers en salamanders ontwaken uit hun winterslaap, trekken ze naar hun geboortepoelen om zich voort te planten. Daarbij vallen heel wat verkeersslachtoffers. De stad en Natuurpunt vzw zorgden daarom voor paddenoverzetplaatsen in de Blektestraat, de Vijverstraat (Hofstade) en de Meersstraat (Gijzegem). 400 meter plasticfolie leidt de amfibiën naar emmers die 2 keer per dag door vrijwilligers worden geledigd aan de veilige overkant van de straat. Bij een vorige actie werden zo meer dan 700 diertjes overgezet.

Zie je ergens padden de weg oversteken, dan red je er ook al heel wat door trager te rijden. Door het aanzuigeffect van een snel rijdende auto worden ze anders immers tegen de carrosserie of onderkant gesmakt. Let wel, alle amfibiesoorten zijn beschermd. Overzetten mag, meenemen niet!

Voor meer info: amfibiënwerkgroep Natuurpunt

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Algemeen milieubeleid, afval en Sensibilisering
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 11
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op dinsdag 13 maart 2012

Natuurleerpad Leireken 

De spoorwegberm Leireken van Moorsel doorheen Baardegem is een onderdeel van de opgebroken spoorweglijn van Aalst naar Londerzeel en verder. Er werd een geasfalteerd fietspad op aangelegd.

Spoorwegbermen zijn over het algemeen unieke natuurlinten in een landschap. De Leirekensroute verdient onze bijzondere waardering en bescherming door de fleurige begroeiing met zomerbloeiers in de omgeving van de twee stationnetjes, door de prachtige struweelarrestantjes langsheen de berm en door de aanwezigheid van een paar relictbosjes die op verspreide plaatsen aan de berm grenzen. De zomerbloemen lokken bij zonnig weer een gevarieerd insectenvolkje. De struiken en aanpalende bosjes bieden nestgelegenheid aan tal van vogels.

De bodem in Moorsel en Baardegem is een matig vochtige zandleemgrond. De spoorwegberm is echter een lange smalle zandstrook. Op deze voedselarme bodem die zeer vlug draineert na regen vindt een speciale plantengroei zijn gading. Plantenzaden uit de omgeving die een drogere en armere grond verkiezen kunnen er kiemen. De meest typische planten van de spoorwegberm zijn echter met het vroegere treintransport "meegekomen". We nemen ze adventiefplanten. Ze zijn vreemd aan de streek, maar typisch voor een zandige berm of zandgrond. Het zijn hoofdzakelijk zomerbloeiers die in de maanden juni tot september de omgeving van de stations in een bont juweeltje omtoveren.

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 11
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op donderdag 25 september 2008

Natuurwandelingen: kalender 2013 
Samen met een gids van Natuurpunt vzw ontdek je onze mooiste stukjes natuur. Elke eerste zondag van de maand kun je mee op stap. De hele jaarkalender is nu beschikbaar.

Programma

3 februari: Honegem
3 maart: Somergembos
7 april: Hogedonk
5 mei: Kravaalbos
2 juni: stadspark
7 juli: Gerstjens
4 augustus: Osbroek
1 september: stadspark
6 oktober: Gerstjens
3 november: Somergembos
1 december: Kravaalbos

De afspraakplaatsen (telkens om 10 uur):
- Osbroek: Frans Blanckaertdreef (zijstraat van de Parklaan), aan het infobord rechtover atletiekpiste.
- Gerstjens: Parking Gerstenhof, Gerstenstraat 12 te Erembodegem.
- Kravaalbos: Hof te Putte, Putstraat 99 te Meldert.
- Honegem: op de grens van Aalst met Lede, ter hoogte van Onegem 108.
- Somergembos: op het einde van de Schietbaan, (zijstraat van de Brusselse steenweg) ter hoogte van de oude Zeebergbrug.
- Hogedonk: boven op de Wiezebrug, Roland Monteynestraat, grens Gijzegem - Herdersem
- Stadspark Aalst: aan de hoofdingang van het stadspark.
te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 12
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 18 februari 2013

Paarden en ossen beheren mee de natuur in het Osbroek 

Net ten zuiden van de stadskern van Aalst is er een vrij uitgestrekt groen wandelgebied: het Osbroek. Je vindt er een stadspark, sportterreinen, een groot bosgebied, akkers en weilanden, ... samen ongeveer 100 ha groen. De stad is eigenaar van het grootste gedeelte. Sinds 1996 bezit de Vlaamse Gemeenschap  er ook ongeveer 16 ha. De afdeling Natuur van de Vlaamse Gemeenschap is er toen op zo’n 22 ha voormalige landbouwgronden gestart met een opmerkelijk natuurontwikkelingsproject.

Het is de bedoeling een gevarieerd landschap te krijgen door extensieve jaarrondbegrazing. Dit houdt in dat een aantal grote grazers, in dit geval paarden en ossen, gans het jaar vrij rondlopen in het gebied, bij zo’n lage bezetting echter dat er voldoende ruimte is voor spontane landschapsvormende processen zoals struweel-, bos- en ruigtevorming. Hierdoor blijft ’s zomers het grootste deel van de kruidlaag onaangeroerd. Deze zomerruigtes komen over het ganse terrein verspreid tot bloei en zaad en bieden onderdak en voedsel aan grote aantallen insecten, vogels, zoogdieren, enz... ’s Winters peuzelen de grazers een groot deel van die zomervoorraad op totdat er slechts 10-20 % van overblijft. Tal van kleine dieren gaan net daarin overwinteren en kunnen zo in de volgende lente het terrein snel herbevolken. Bovendien is het ook op die plekjes dat struwelen ontstaan en dat het bomenbestand  zich verjongt. Zo ontstaat na enkele jaren een gevarieerd landschap met kortgegraasde stukken, ruigtes, struwelen en bosjes.

Het inzetten van grote grazers is helemaal niet bedoeld als goedkope of gemakzuchtige beheersmaatregel, maar meer als natuurhistorisch verantwoorde keuze. Grote herbivoren hebben immers altijd al een belangrijke landschappelijke en ecologische rol gespeeld in grote delen van Europa.


Konikpaarden

De afdeling Natuur heeft in het Osbroek gekozen om "Konikpaarden" in te zetten. Konikpaarden zijn nauw verwant aan de Tarpan, het uitgestorven Westeuropese wilde paard. Dat waren oorspronkelijk vooral steppedieren. Later zijn ze mee door de toenemende cultuurdruk min of meer teruggedrongen tot bosrijke delen waardoor zich geleidelijk een bostarpan heeft gevormd. De dieren hadden een voorkeur voor open grazige plekken in bossen. Tot in de 19de eeuwe leefden er steppetarpans in Oekraïne rond de Zwarte Zee. In 1879 werd het laatste exemplaar geschoten.
Ondertussen waren de bostarpans sinds de middeleeuwen teruggedrongen tot vrijwel ongerepte Oosteuropese gebieden in Polen en Litouwen. Hetzelfde gold overigens ook voor andere grote grazers zoals Oerrunderen (uitgestorven begin 17de eeuw) en Wisenten (Europese bizons, bijna uitgestorven geweest).

De Konik, afstammeling van de Tarpan
Tarpans leefden tot ongeveer 1780 in het wild in het beroemde Bialowieza-oerbos in Oost-Polen. De laatste wilde exemplaren werden gevangen en in een dierentuin in Zamosc (Z.O.Polen) gehouden. Vanaf 1800 werden deze dieren uitgedeeld aan lokale boeren die de Tarpans begonnen te kruisen met hun eigen tamme paarden. Deze vorm van domesticatie duurde circa 150 jaar.
In 1936 begon een zekere Poolse professor Vetulani met deze Tarpan-afstammelingen een succesvol fokprogramma om het wilde paard terug te krijgen. Dit paard werd Konik genoemd (Pools voor klein paard).
De Konik draagt dan ook duidelijk enkele tarpankenmerken zoals zijn vrij kleine gestalte, de typische muisgrijze kleur, de zwarte aalstreep op de rug en de zebratekening op de poten. Het belangrijkste kenmerk van deze paarden is echter niet hun uiterlijk, maar zit in hun aard. Als halfwilde paarden zijn ze bijzonder zelfredzaam. Zo leven er in Polen en Nederland al verschillende decennia volledig zelfstandige kuddes in de vrije natuur. Door de grote variatie in het terrein (graslanden, bosjes, vochtige ruigtes,...) komen de Konikpaarden ook hier in het Osbroek ruimschoots aan hun trekken en vinden ze voldoende beschutting om zich zo nodig tegen allerlei extreme klimaatsomstandigheden te kunnen beschermen.
Momenteel zijn er terug zo’n kleine 2000 Koniks op de wereld, de meeste in Polen en Nederland; verder zijn er nog wat te vinden in Frankrijk, Duitsland en ... België.
Behalve in Polen en Frankrijk waar er veel dieren als werkpaard in de extensieve landbouw gebruikt worden, komen ze uitsluitend voor op natuurterreinen. Er wordt een internationaal fokprogramma gevolgd om een zo groot mogelijke genetische variatie te bekomen en de dedomesticatie verder te zetten.

Gallowayossen

Een goed jaar na hun komst kregen de Koniks gezelschap van Gallowayossen.
De Galloway wordt ook beschreven als een zeer oud en oorspronkelijk ras. Het zou afstammen van vee dat sinds de Keltische tijd in Schotland leefde. De naam is afgeleid van het woord Gallovid of Gaul wat Gallisch betekent en verwijst naar de aanwezigheid van dit volk in het uiterste zuiden van de Schotse Lowlands. In deze streek, later het Graafschap Galloway genoemd, stonden de kuddes runderen bekend om hun lange, donker en golvend haar. Ze waren ook zeer bestendig tegen het ruwe klimaat van dit kustgebied. De huidige Galloways hebben geen horens meer.

Het graasgedrag van Galloways is zeer verscheiden. Ze eten zowel (grove) grassen als bramen, takken, twijgen,... Ze eten vaak wat door andere kuddes (bijvoorbeeld de Koniks) vermeden wordt. Bijvoederen is niet nodig.
Hun gedwee karakter wordt als zeer waardevol ervaren. Ze zijn vriendelijk en rustig. Ook hun zelfredzaamheid en acclimatisatievermogen worden erg op prijs gesteld. 

Iedereen welkom

Het Osbroek was het eerste natuurgebied in Oost-Vlaanderen waar Koniks een thuis vonden. Dit unieke natuurontwikkelingsterrein kan je gerust zelf gaan bekijken. Het is steeds toegankelijk voor het publiek. 
Wandelaars zijn binnen de afbakening van het graasgebied ook buiten de paden welkom ... een unieke ervaring.

Hoewel de Koniks en Galloways zeer rustig van aard zijn, hou je toch het best wat afstand; net zoals bij andere grote dieren. Honden zijn, zelfs aan de leiband, binnen de afbakening van het graasgebied absoluut niet toegelaten. Zij kunnen de grazers immers opschrikken. Contacten tussen honden en paarden of runderen verlopen niet altijd zo gemoedelijk.
Het voederen van de paarden en ossen is uit den boze. Het verstoort hun natuurlijk graasgedrag en maakt hen opdringerig tegenover mensen.

Het terrein staat onder toezicht van de afdeling Natuur i.s.m. de stad. Het Vlaamse Gewest kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor schade veroorzaakt door de dieren in dit gebied.


Waar?

Je vindt het "Osbroek" tussen Aalst en Erembodegem-Aalst. Het begrazingsproject is gelegen aan de kant van Erembodegem-Aalst. Dit terrein is toegankelijk langs de Roomshofstraat en de Kasteelstraat. Je kunt ook vanaf het stadscentrum een mooie wandeling maken door het ganse gebied, vertrekkende aan de hoofdingang van het Stadspark, en dan langs de sportvelden en de Frans Blanckaertdreef (zijstraat Parklaan).

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 12
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 10 juni 2009

Premies voor hagen, houtkanten, bomen en poelen 
Sinds 29 april 2008 geeft de stad een premie voor het aanplanten van hoogstammige fruitbomen, voor de aanleg en het onderhoud van een poel, voor het aanplanten van lijnvormige groenelementen (haag, heg, houtkant of bomenrij) en voor het onderhoud van lijnvormige groenelementen (haag, heg, houtkant of knotboom).

De stad streeft naar een toename van het volume aan kleine landschapselementen en naar het behoud van de nog bestaande. Daarom zijn er volgende premies:

- aanplanten van hagen, heggen en houtkanten als afbakening van een perceel, minimum 25 m lengte voor hagen en haagkanten en minimum 10 exemplaren voor bomenrijen. De premie voor bosplantsoen, haagplanten en heesters bedraagt 0,50 EUR het stuk en voor hoogstammige bomen 8,- EUR het stuk, tot een maximaal bedrag van 200,- EUR per aanvrager per jaar.

- onderhoud van hagen, heggen, houtkanten en knotbomen in landbouwgebied (met inbegrip van landschappelijk waardevol landbouwgebied), bosgebied, natuurgebied, natuurreservaat, parkgebied en buffergebied op het gewestplan. De premie voor het onderhoud van een volwassen haag bedraagt 0,50 EUR per lopende meter en kan maximaal om de twee jaar aangevraagd worden. Voor heggen bedraagt de premie 2,- EUR per lopende meter met een maximale frequentie van om de vijf jaar. De premie voor een houtkant bedraagt 2,- EUR per m² en kan maximaal om de 5 jaar aangevraagd worden.De premie voor knotbomen bedraagt 15,- EUR per boom. Een tweede aanvraag voor het knotten van eenzelfde boom kan pas worden ingediend vanaf 5 jaar na de toekenning van de vorige premie voor die boom. De maximale premie per aanvraag voor het onderhoud van een haag, heg, houtkant of knotbomen bedraagt 150,- EUR per aanvrager per jaar.

aanleg en onderhoud van een poel in landbouwgebied (met inbegrip van landschappelijk waardevol landbouwgebied), bosgebied, natuurgebied, natuurreservaat, parkgebied en buffergebied op het gewestplan. Voor de aanleg van een poel heb je een stedenbouwkundige vergunning nodig. De premie voor de aanleg bedraagt 100,- EUR voor een wateroppervlakte tussen de 25m² en 50m² en 160,- EUR als de wateroppervlakte groter is dan 50m². De premie voor het onderhoud van een bestaande poel bedraagt 100,- EUR. De premie voor het onderhoud van een bestaande poel kan slechts om de 5 jaar toegekend worden. Voor een nieuwe poel kan je de eerste onderhoudspremie pas na vijf jaar na de aanleg verkrijgen.

- aanplanten van minimum 10 hoogstammige fruitbomen. De stad geeft je 9,- EUR per aangeplante boom met een maximum van 150,- EUR per jaar. De Vlaamse overheid erkent eveneens het belang van de hoogstamboomgaarden en subsidieert onder bepaalde voorwaarden ook de aanleg en het onderhoud ervan. Wie minstens 10 hoogstammige hoogstamfruitbomen onderhoudt of er minstens 10 wil aanplanten, kan ook bij de Nationale Boomgaardenstichting een premie aanvragen. Voor het aanplanten van hoogstamfruitbomen van oude rassen ontvang je daar in totaal 20,- EUR per boom gespreid over 5 jaar (4,- EUR per jaar). Voor het onderhoud van een reeds bestaande boomgaard krijg je er een premie van 10,- EUR per boom, eveneens verspreid over 5 jaar (2,- EUR per jaar). Om de 5 jaar kan de aanvraag er vernieuwd worden. Deze premie mag gecombineerd worden met die van de stad.

Links

aanmoedigingsreglement voor het aanplanten van lijnvormige groenelementen: http://www.aalst.be/formulieren/leefmilieu/aanvraag%20tot%20aanmoediging%20voor%20het%20aanplanten%20van%20lijnvormige%20groenelementen.doc

aanmoedigingsreglement voor het onderhoud van lijnvormige groenelementen: http://www.aalst.be/formulieren/leefmilieu/aanvraag%20tot%20aanmoediging%20voor%20het%20onderhoud%20van%20lijnvormige%20groenelementen.doc

aanmoedigingsreglement voor de aanleg of het onderhoud van een poel: http://www.aalst.be/formulieren/leefmilieu/aanvraag%20tot%20aanmoediging%20voor%20de%20aanleg%20of%20het%20onderhoud%20van%20een%20poel.doc

aanmoedigingsreglement voor het aanplanten van hoogstammige fruitbomen: http://www.aalst.be/formulieren/leefmilieu/aanvraag%20tot%20aanmoediging%20voor%20het%20aanplanten%20van%20hoogstammige%20fruitbomen.doc

 

te contacteren dienstdienst Leefmilieu - sectie Groen en ecologisch beleid
Zwarte Zustersstraat 8 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 24 12
fax 053 73 24 19
leefmilieu@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 19 november 2008

© 2013 stad Aalst