|
|
|
| Eerst moet je dit even lezen | Degelijke en duidelijke algemene informatie over compost, kringlooptuinieren en al wat ermee samenhangt, vind je op de site van VLACO. De Vlaamse compostorganisatie zet zich al vanaf 1992 in voor de kwaliteitspromotie en -controle van compost en het sensibiliseren voor thuiscomposteren en kringlooptuinieren. Op de aangegeven site vind je bijvoorbeeld waarom je zou moeten composteren, hoe je dat het best aanpakt en wat je met de geoogste compost kan doen. Je krijgt er heel wat achtergrondinfo. Je vindt er ook waar compost te koop is als je er zelf niet voldoende kunt maken, hoeveel je er van moet gebruiken en aan welke kwaliteitseisen die moet voldoen.
Waardevolle lokale info (want in je buurt gebeurt op compostvlak nog meer dan je zou denken) en artikels geschreven door onze eigen compostmeesters vind je in de lijst waarop je zonet klikte.
Veel leesgenot.
Voor meer info: algemene compostinfo op de VLACO-site
A-loket artikels
| |
| Buurtcomposteren in “de Fiber” en “de Farao” in Aalst, waar afvalpreventie en wijkontwikkeling samengaan | De historiek van het buurtcomposteren in Aalst.
Hoe het begon
De stad Aalst startte eind 1999 met een sensibiliseringscampagne rond afvalpreventie, in samenwerking met Indaver (toen VLAR) voor de globale communicatie en met Stadsland voor de doelgroepencommunicatie. Eén van de doelgroepen in die campagne waren de klein behuisden en de appartementsbewoners. Deze groep had immers bij preventie en bij sorteren van afval specifieke problemen zoals plaatsgebrek, geurhinder, vliegjes, …
In dat kader werd contact genomen met het buurtwerk van de rechteroever (toen ACRO). Na een informatiesessie met de bewonersgroep van het buurtwerk werd gekozen voor een proefproject in de zogenaamde Sint-Elisabethwijk. Deze wijk (Frans Breckpotwijk, Hippoliet Meertwijk, Lazaretstraat, Hospitaalstraat en Gasthuisstraat) omvat 164 sociale appartementen van diverse sociale bouwmaatschappijen, waaronder de stad. Sluikstorten en een gebrek aan betrokkenheid in de buurt waren er bijkomende problemen. Het huisvuil moest er aangeboden worden op verzamelplaatsen. Die waren veranderd in sluikstorten. Het gft werd er doorgaans ongesorteerd mee in de restzak gestoken. De wijk had een slechte reputatie en er was een groot verloop van huurders. Het project zou vertrekkend van het afvalvraagstuk dus ook een meerwaarde kunnen betekenen voor de leefbaarheid.
Er werd overlegd met de betrokken schepenen en stadsdiensten (met name Leefmilieu en Patrimonium), met de Intercommunale Land van Aalst (ILvA, die instond voor de afvalinzameling) en met buurtwerk ACRO over de gewenste aanpak en de medewerking van de verschillende partners.
Extra bewonersbijeenkomsten gaven een gedetailleerd beeld van de afvalproblemen en van de draagkracht van de wijk en van de bewoners. Uiteindelijk werd gekozen voor een herorganisatie van de afvalophaling, waarbij de verzamelpunten afgeschaft werden en er voortaan met kleine ophaalwagens aan de ingangen van de appartementsgebouwen ingezameld werd. Tevens zou er een verzamelplaats in afwachting van de ophaling voor papier/karton en voor glasafval gezocht worden. Afvalpreventie zou aan bod komen via een buurtcompostparkje. De princiepsbeslissing voor het eerste buurtcompostparkje in Aalst was er.

De uitwerking van het eerste buurtcompostparkje
Een kerngroep buurtbewoners wilde het buurtcompostparkje verder met ons uitwerken en het mee ondersteunen. Het is van belang dat de bewoners zich bewust zijn van de problemen, mee zoeken naar oplossingen en ook mee helpen aan de uitvoering daarvan.
Samen met hen werden het reglement, de openingsmomenten, de indeling van het compostparkje en het verloop van de officiële opening bepaald. Zij kozen ook de naam van hun parkje: de “Fiber”, naar het vroegere speedbotenfabriekje Fiber Fleet op die plaats. Uit die kerngroep bewoners kwamen ook de sleuteldragers. Zij hebben de sleutel van het hek en de garage en houden de Fiber als vrijwilligers open. Ze zorgen voor de goede werking ervan. Ze letten er bijvoorbeeld op dat er geen brood of gekookte etensresten bij het aangeboden keukenafval zit, want dat trekt ongedierte aan. De afspraken met de sleuteldragers (onder andere het niet doorgeven van hun sleutel) werden op papier gezet en door hen ondertekend. Ze kregen een badge, zodat ze voor anderen herkenbaar zijn.
Als lokatie werd gekozen voor een hoekje in het plantsoen onmiddellijk naast de garages van de appartementen. De laatste garage kon dienst doen als verzamelplaats voor papier/karton en voor glas en als berging en schuilplaats voor het compostparkje.
De stad stelde de grond (ongeveer 8,5 meter op 10 meter) en de garage ter beschikking en zorgde voor de inrichting van de Fiber.
Vereist waren :
- een omheining met een vergrendelbaar hek. Dit is belangrijk om sluikstorten tegen te gaan. Uit ecologisch oogpunt opteerden wij voor een omheining (1,80 meter hoog) en een hek in kastanjehout;
- de compostbakken. Die werden door de stedelijke technische dienst vervaardigd. Je kan echter ook compostbakken maken met oude paletten. Afhankelijk van de ruimte en het aanbod van keukenafval kunnen andere composteersystemen aangewezen zijn. Op de Fiber werd gestart met 3 bakken. Later werden het er 7;
- houthaksel. Dit wordt gebruikt als bodembedekking tegen onkruid, maar ook om het overwegend vochtige keukenafval wat te vermengen met droog structuurmateriaal;
- materieel voor het composteren zoals een spitvork, werkhandschoenen;
- afsluitbare keukenemmertjes voor de bewoners;
- een zitbank. Die werd net buiten de omheining geplaatst;
- een infobord met de openingsuren en het reglement (inclusief de sorteerregels);
- een logboek waarin de sleuteldragers elke keer het aantal bezoekers en eventuele opmerkingen of vragen noteren.
Er werd ook een eigen logo aangemaakt.
Elke bewoner van de wijk kreeg een leaflet met informatie over de nieuwe regeling en werd uitgenodigd op infovergaderingen hierover. De buurtbewoners konden hun grote gft-containers (van 140 of 40 liter) op een vastgestelde dag inleveren. Dat kon ook nog achteraf tijdens de openingsdag of tijdens de openingsuren. In de plaats ervan kregen ze een handig afsluitbaar 10 liter keukenemmertje. Enkel hiermee kunnen ze op de Fiber terecht. Zo is een zekere controle van de aanbieder mogelijk en vermijd je ook grote hoeveelheden tuinafval. Op die keukenemmertjes werd ook de lijst gekleefd van wat er wel of niet in mag. Die lijst is ook beschikbaar op papier en staat op het infobord aan de Fiber.
De Fiber werd officieel geopend op 10 september 2000, tijdens het wijkfeest. Iedere bewoner van de sociale appartementen kan er vanaf dan met zijn gft-afval terecht. Ongeveer de helft van de gezinnen maakt er effectief gebruik van. Het terreintje is driemaal per week toegankelijk, op maandagavond, woensdagnamiddag en zaterdagvoormiddag, telkens gedurende een half uur. Twee keer per week openen is minimaal vereist voor de goede kwaliteit van het aangeboden keukenafval. Gemiddeld komen er op de openingsmomenten van de Fiber een 20-tal bezoekers.
De sleuteldragers zorgen per 2 in een beurtrol voor de bemanning van het parkje. Aanvankelijk was er op elk openingsmoment ook een compostmeester aanwezig. Vanaf mei 2001 (na 8 maanden werking) werd dit stilaan afgebouwd. In mei en juni 2001 was er nog 1 keer per week een compostmeester van dienst, op een wisselend moment. Nu houden de compostmeesters af en toe nog een oog in het zeil en kan er op hen een beroep gedaan worden voor het keren en zeven van de bakken en bij problemen.
Het composteren verloopt naar wens. De eerste compost werd geoogst in mei 2001. De stad stelde toen ook potgrond ter beschikking om met de compost te vermengen en de bewoners van de wijk konden gratis hun bloembakken komen vullen. Hieraan werd ook wedstrijd gekoppeld voor de mooiste tuin of het groenste terras. De prijsuitreiking gebeurde op het wijkfeest in juli 2001.
In het begin waren er ongeveer om de 2 maanden overlegvergaderingen. De sleuteldragers, de betrokken compostmeester(s), de milieudienst en buurtwerk ACRO evalueerden de werking en stuurden bij waar nodig. Dat overleg gebeurt nu eerder informeel. Het sluikstorten in de wijk is merkbaar afgenomen. Het compostparkje fungeert duidelijk ook als ontmoetingsplaats, vooral in de zomermaanden. De sleuteldragers vormen inmiddels een hechte groep. Bewoners hebben weer wat contact met elkaar.
Hoe het verderging
Na de positieve evaluatie van de Fiber werd besloten een tweede project op te starten. In een overleggroep met alle betrokken diensten werden de selectiecriteria bepaald waaraan een tweede project zou moeten voldoen. Uiteindelijk viel de keuze op de buurt rond de sociale appartementen aan de Moorselbaan.
Opnieuw in samenwerking met het buurtwerk werd een tweede project buurtcomposteren opgestart voor de 39 sociale stadsappartementen aan de Moorselbaan en hun onmiddellijke omgeving. Dezelfde werkwijze werd gevolgd. Ook bij deze bewonersgroep bleek afval, met name gft een hoofdprobleem te zijn. Samen met de bewoners werd gezocht naar oplossingen en werd duidelijk dat er voldoende draagvlak voor buurtcomposteren zou zijn. De bewoners kozen voor hun parkje de naam “Farao”, naar de mieren waar ze eertijds mee geplaagd zaten.
De officiële opening van de Farao vond plaats op 9 juni 2002 tijdens het open composttuinenweekend. Ongeveer 25 gezinnen boden er geregeld keukenafval aan. Door een gebrek aan vrijwilligers-sleuteldragers is de Farao inmiddels echter verdwenen.
Bij de Fiber en de Farao was de betrokkenheid van de stad groot. Beide werden intensief begeleid en opgevolgd door dienst Leefmilieu.
Inmiddels wordt er ook in groep gecomposteerd in de OCMW-serviceflats De Kareeloven te Hofstade-Aalst.
Wil je zelf met je buurt gaan composteren?
Nieuwe projecten zijn welkom op een aantal voorwaarden. De stad biedt dan logistieke steun en helpt samen met de compostmeesters bij het opstarten. Het initiatief moet echter door de buurtbewoners gedragen en ondersteund worden. Het heeft geen zin zomaar ergens een buurtcompostparkje neer te poten.
Naast aanbieders van gft heb je zeker ook een vaste ploeg vrijwillige medewerkers nodig die instaan voor de goede werking van het buurtcompostparkje, de zogenaamde sleuteldragers. Deze taak is niet te onderschatten. Zorg zo mogelijk voor een beurtrol en voor 1 of meerdere reserve-sleuteldragers. Goede afspraken maken goede vrienden.
Er is toch enige kennis van het compostproces nodig. In het begin kan je zeker rekenen op de steun van de compostmeesters, maar op termijn zou je het composteren zelf toch onder de knie moeten kunnen krijgen. Ideaal is dat één van de sleuteldragers een cursus composteren volgt. De stad zorgt minstens 1 keer per jaar voor zo’n gratis cursus.
De stad zal je niet aan je lot overlaten. Een zekere opvolging en ondersteuning blijft steeds. Dat werkt immers ook motiverend voor de sleuteldragers.
| |
| De compostmeesters staan tot je dienst | Om de twee weken kan je op de demoplaats in de Bergemeersenstraat terecht. De compostmeesters leren je alle geheimen van het composteren en het kringlooptuinieren.
Kringlooptuinieren staat voor afvalpreventie (en geldbesparing) in de tuin. De meest gekende techniek is composteren. Andere kringlooptuintechnieken zijn mülchen of bodembedekking, een juiste plantenkeuze, mülchmaaien, gras beperken...
Een compostmeester kreeg een gerichte opleiding en heeft al heel wat ervaring met composteren en kringlooptuinieren. Met de steun van de stad, willen een 30-tal Aalsterse compostmeesters je helpen in je tuin.
De demoplaats van de Aalsterse compostmeesters in de Bergemeersenstraat (rechtover het containerpark) is om de 2 weken open. Elke 1ste en 3de zaterdag van de maand kan iedereen er met vragen van 10 tot 12 uur terecht. Je kunt er ook je vooraf betaalde compostvat of -bak afhalen.
Je vindt de compostmeesters ook op de markt, elke 3de zaterdag van de maand van 10 tot 13 uur op de Grote Markt vóór het stadhuis. De compostmeestermobiel staat ook op tal van evenementen.
Je kunt je vragen ook richten aan compost@aalst.be of bellen naar 053 73 24 14 voor wat advies. De compostmeesters geven op aanvraag ook toelichtingen voor groepen. Scholen kunnen zo gewenst individueel begeleid worden.

Lees ook
A-loket artikels
| |
| Een compostmobiel voor de Aalsterse compostmeesters | Sinds kort hebben de Aalsterse compostmeesters een heuse 'compostmobiel'. Dat is een handige compacte aanhangwagen die kant en klaar alle informatie over composteren en kringlooptuinieren bevat. De compostmeesters ontplooien hem met plezier tijdens tal van evenementen.
Composteren en kringlooptuinieren zijn dé manier om heel wat groenafval (en kosten) te vermijden. De Aalsterse compostmeesters staan je daarin graag bij. Op de tweede zaterdag van de maand vond je ze al met een traditioneel kraampje op de zaterdagmarkt, net vóór het stadhuis. Voortaan zie je hen daar met hun gloednieuwe compostmobiel. Dat gebeurt in primeur op de markt van 14 april 2012.
Alles mee
De compostmobiel is een aanhangwagen die, op maat, in opdracht van de stad gemaakt werd. Hij omvat praktische kastjes voor het bewaren en uitstallen van de diverse folders, een hele posterstand, opbergvakken voor composteersystemen en ander demomateriaal... De compostmeesters zullen voortaan nog gemakkelijker op je vragen kunnen ingaan. Ze hebben nu immers steeds een professionele en rijke waaier aan te tonen materialen mee.
Jerom de compostworm
Graffitikunstenaar WAF (Lieven Piron) zorgde voor een uniek in het oog springend koetswerk. Je kunt de compostmobiel niet missen! 'Jerom de compostworm' prijst er zelfgemaakte compost op aan. Een wijze tuinier laat vanuit zijn hangmat de natuur haar gang gaan wat hem kleurrijke superbloemen en kampioengroenten oplevert.
Compostmeesters uitnodigen
Je komt de compostmobiel binnenkort zeker nog tegen want de Aalsterse compostmeesters gaan op pad. Elke tweede zaterdag van de maand staan ze op de markt, maar ook elders zal je ze tegenkomen. Plan je zelf een publieksevenement (markten, schoolfeesten, tuindagenen...) en wil je de compostmeesters erbij, neem dan contact op met compost@aalst.be of 053 73 24 11.
Lees ook
A-loket artikels
| |
| Ervaringen met een compostvat | Composteren is niet moeilijk, maar het vraagt toch een minimum aan aandacht en inspanning. Ruilde jij ook je GFT-container voor een compostvat en heb je problemen met het composteren? Lees dan even de nuttige tips van compostmeester Jozef!
Wanneer start je best met composteren? Begin er zo vlug mogelijk mee. Elke dag uitstel is een verlies van organisch materiaal en voedingselementen voor je tuin of bloembakken. Het moment waarop je start heeft minder belang. Putje winter is echter niet aangeraden. De compostorganismen rusten dan.
Hoe stel je het vat op? Een compostvat bestaat uit 5 delen: de bodemplaat, de romp, het controleluik, het deksel en de beluchtingsstok. De geprofileerde en geperforeerde bodemplaat geeft de compostorganismen toegang tot het vat, laat overtollig vocht weg en verzekert het binnenstromen van zuurstofrijke lucht. Het is heel belangrijk dat die bodemplaat niet toeslibt. Plaats het vat dus op 4 of 6 platte tegels en laat wat ruimte tussen die tegels.

Waar? Kies geen verhard oppervlak (terras) maar een plek met losse grond. Geef de voorkeur aan een plaats waar de zon minstens een paar uur schijnt. Geef jezelf voldoende ruimte om het vat leeg te maken of om te zetten.
Composteren is mengen en omzetten Groen materiaal heeft van zichzelf weinig structuur en bezit een hoog vochtgehalte. Als je enkel groen materiaal gebruikt, klit alles samen en krijg je sneller geurhinder. Bruin materiaal geeft structuur aan de compost en houdt alles luchtig, zonder geur. Voor een optimale compostering streef je naar een 50/50 vermenging van groen en bruin materiaal. Voeg geen gekookte etensresten toe want dat trekt ratten en muizen aan. Als het kan maak je het vat 1 of 2 keer per jaar volledig leeg en meng je alles opnieuw goed samen. Vind je de inhoud dan te droog kan je bevochtigen. Lijkt alles je te vochtig, voeg dan meer bruin materiaal toe.
Fruitvliegjes? Fruitvliegjes zijn moeilijk te vermijden maar ze zijn wel gemakkelijk onder controle te houden. Probeer de compost regelmatig te beluchten en je keukenafval af te dekken van met een laagje grasmaaisel, houthaksel, bladeren of zelfs een vochtige doek.
Compostorganismen Let er vooral op dat de belangrijkste elementen die de compostorganismen nodig hebben, voldoende aanwezig zijn: voedsel, vocht, lucht en warmte.
VOEDSEL: De compostorganismen hebben maar één doel voor ogen in het hele composteringproces: zo lang mogelijk actief blijven. Vooral in de groene materialen zoals groente- en fruitresten of grasmaaisel vinden ze voedsel en vocht.
WATER: Er is geen leven zonder water. Ook de compostorganismen hebben nood water. Plantenafval en fruit bestaat grotendeels uit vocht. Hou echter voor ogen dat een teveel aan water de lucht verdringt.
LUCHT: Compost waar geen lucht bij kan verstikt. Zuurstof is absoluut noodzakelijk. Kan er geen zuurstof binnendringen in het composterend materiaal dan ontstaat stank. Je houdt alles luchtig door structuurmateriaal, het zgn. bruin materiaal toe te voegen.
WARMTE : De warmte komt vanzelf. Je merkt het snel als je het de composteringorganismen naar de zin hebt gemaakt: het te composteren volume zakt zienderogen; er treedt geen stank of onaangename geur op en de temperatuur in je vat stijgt tot 50° en meer.
Veel succes. Wie verder hulp nodig heeft, kan een beroep doen op de compostmeesters. Ze zijn ervoor! Zoek je een compostmeester in je buurt? Neem contact op met de dienst Leefmilieu.
Compostmeester Jozef Verleysen Lees ook
A-loket artikels
| |
| Goedkoop maar degelijk composteermateriaal vind je bij de stad | Compostvaten en -bakken koop je goedkoper via de stad. Bij het afhalen leer je meteen van de Aalsterse compostmeesters de beste manier om ze te gebruiken.
Thuiscomposteren - niets dan voordelen
Onze enorme afvalproductie vormt een ernstig probleem. We kunnen er geen kant meer mee uit en de schadelijke effecten op ons leefmilieu zijn groot. Bovendien kost de inzameling en verwerking ervan de gemeenschap, en dus ook jou, handenvol geld.
Een deel van dit afval komt van groenten, fruit en uit de tuin. Dat kan je evengoed thuis omzetten tot een waardevolle grondstof voor je tuin: compost. Compost maakt het gebruik van kunstmest overbodig en leidt tot een spectaculaire verbetering van de bodemstructuur met een gezonde, mooiere tuin als resultaat. Als je thuiscomposteert, hoef je geen stickers meer voor je gft-container aan te kopen. Dat kan jaarlijks tot 66,- EUR schelen in je portemonnee. Niet alleen het milieu wint bij thuiscomposteren.
Wat heb je nodig?
Als je een kleine tuin hebt, is een compostvat ideaal. Voor een grotere tuin is een compostbak meer aangewezen. Je kunt gerust aan de slag met een zelf geknutselde compostbak. Die kan je bijvoorbeeld maken van oude paletten of planken. Dat kost je niets. Zie je dat niet zitten, dan zorgt de stad voor degelijk materiaal aan een gesubsidieerde prijs:
- compostvat: 20,- EUR (incl. een door de stad geschonken beluchtingsstok);
- houten compostbak: 29,- EUR;
- plastic compostbak: 70,- EUR;
- beluchtingsstok: 5,- EUR.

Interesse?
Neem contact op met de dienst Leefmilieu. Je krijgt dan een overschrijvingsformulier toegestuurd. Je kunt je aankoop (ten vroegste 5 werkdagen na je overschrijving) afhalen op het demonstratieterrein thuiscomposteren aan de Bergemeersenstraat, tegenover het containerpark in Aalst. Dat kan elke eerste en derde zaterdag van de maand van 10 tot 12 uur (uitgezonderd van november tot en met februari). Alles past in een personenwagen.
Op het demonstratieterrein zijn o.a. compostvaten en -bakken in werking te zien. De compostmeesters van dienst leren je er meteen ook de kneepjes van het thuiscomposteren met je nieuwe aanwinst . Er liggen ook een aantal brochures met composttips voor je klaar.
Wil je het nog goedkoper!
Je kunt ook nog altijd gebruik maken van het aanbod om je gft-container gratis voor een compostvat of een korting op en compostbak om te ruilen.
Heb je nog vragen?
Contacteer gerust de dienst Leefmilieu of één van de Aalsterse compostmeesters.
Voor meer info: afmetingen, foto's en prijzen van het composteermateriaal
Lees ook
A-loket artikels
| |
| Grote bio-afbreekbare gft-zakken verstoren de compostering | Wie in zijn gft-container een grote bio-afbreekbare zak aanbrengt, riskeert dat zijn gft blijft staan
De afgelopen maanden merken de gft-ophalers dat in sommige gft-containers een bio-afbreekbare zak ter grootte van de hele gft-container zit. Vermoedelijk worden die zakken gebruikt om de binnenkant van de container rein te houden.
Deze grote zakken bemoeilijken echter het composteringsproces, door hun omvang. Ze blokkeren de draaiende delen van de voorbewerkingsmachines en zorgen dus voor productieproblemen.
De ophalers zullen containers met dergelijke biozakken dan ook niet ledigen.
Koop deze zakken niet, het is weggegooid geld. Al lange tijd geleden bracht de stad de lokale verkoper van de problemen op de hoogte.
De kleine biozakjes van 8 liter, die worden gebruikt in een biobakje in de keuken, kunnen uiteraard wel nog zonder problemen in de gft-containers worden gegooid.

Lees ook
A-loket artikels
| |
| Het gebruik van een compostvat |
Het beste seizoen om een compostvat op te starten is de lente. De natuur herleeft dan en ook de bacteriën en organismen, onmisbaar voor het composteerproces, activeren hun werking in de compostmaterie. In het voorjaar is er ook voldoende bruin materiaal (snoeisel) aanwezig. Bomen en struiken worden gesnoeid, verdord groen van vaste planten wordt verwijderd en dit materiaal is juist belangrijk voor de goede opstart en werking van het compostvat.
Het compostvat wordt het best op een zonnige plaats gezet. Het is handig om het vat bij de keukendeur te plaatsen zodat je ook bij slecht weer je keukenafval snel naar het vat kan brengen. Het vat wordt bij voorkeur op een paar tegels geplaatst. Let erop dat ook het midden van de bodemplaat goed wordt ondersteund. Zorg er dus voor dat de tegels niet te ver uit elkaar liggen. Het belang van deze ondersteuning is niet enkel de stabiliteit van het vat, maar ook de circulatie van de luchtstroom onder het vat. Afbraakorganismen kruipen langs de tegels omhoog door de geperforeerde bodemplaat.
Een compostvat is gemaakt uit kunststof in een weinig opvallende grijsgroene kleur. Belangrijk is dat het vat de warmte van de zonnestralen kan absorberen zodat het materiaal erin opwarmt zonder dat het uitdroogt, zodat het composteringsproces aan de gang blijft.
Het compostvat heeft een speciale geperforeerde bodemplaat. Bodemdiertjes krijgen toegang langs de gaatjes en overtollig vocht kan hierlangs wegvloeien. Ook langs de rand van de bodemplaat zijn er beluchtinggaten. Langs de rand van de bodemplaat bevindt zich ook een sleuf waarin de mantel van het vat naadloos past. Door de conische vorm kan de mantel gemakkelijk worden verwijderd bij het omkeren van het materiaal. Het deksel is zo gemaakt dat het vat optimaal wordt belucht, zonder dat er regenwater kan insijpelen. Onderaan het vat is er een luik waarlangs je het composteringsproces kan opvolgen.
Bij de opstart wordt eerst grof materiaal op de bodem gelegd: takjes, snoeiafval, grof versnipperd afval van vaste planten. Dit is heel belangrijk om te vermijden dat de beluchtinggaten in de bodem verstopt raken. Daarboven komt dan de mengeling van keukenafval (dat bevat veel vocht), klein versnipperd tuinafval, laagjes gras en bruin materiaal (houtsnippers, stro, …).
Belangrijk is dat je zeker één keer per week het vat "verlucht". Dat doe je best met een beluchtingstok: een metalen stok met aan het uiteinde een driehoekige punt. Je steekt de stok op verschillende plaatsen in de materie, draait een kwartslag en trekt de stok terug uit het vat. Op die manier creëer je luchtpijpen waarlangs zuurstofrijke lucht in het compostvat dringt en koolzuurgas wordt afgevoerd. De verschillende lagen blijven in grote trekken op hun plaats.
Wekelijkse beluchting is belangrijk, maar ook doe je er goed aan het vat een paar keer om te zetten (om de zes maand). De mantel van het vat wordt verwijderd en het nog onverteerde compost wordt met een riek naast het vat gelegd (eventueel op plastic folie). Verteerde compost kan reeds geoogst worden. De bodemplaat wordt schoongemaakt, openingen worden vrijgemaakt. De mantel wordt terug op de bodemplaat gezet. Er wordt weer grof materiaal onderaan in het vat gelegd en het half verteerde materiaal, goed gemengd en liefst aangevuld met nieuw tuinafval wordt in het vat gestrooid. Als lucht en vochtigheidsgraad van het materiaal in orde zijn, zal de temperatuur na enkele dagen behoorlijk gestegen zijn en is de inhoud voor één derde gezakt.
Zo gebruikt zal het vat zeker niet teleurstellen en wordt je motivatie om verder te composteren aangescherpt. Niets is prettiger dan keuken- en tuinafval te herscheppen in compost die dan terug in de moestuin verwerkt wordt waardoor je groenten nog mooier ogen bij de oogst
Geert Van Vaerenbergh compostmeester

Lees ook
A-loket artikels
| |
| Hoe en wanneer start je een compostvat op? | Hoe ga je het best van start gaat met een compostvat?
Het beste seizoen hiervoor is de lente. De natuur herleeft dan en ook de bacteriën en organismen, onmisbaar voor het composteerproces, activeren hun werking in de compostmaterie. In het voorjaar is er ook voldoende bruin materiaal (snoeisel) aanwezig. Bomen en struiken worden gesnoeid, verdord groen van vaste planten wordt verwijderd en dit materiaal is juist belangrijk voor de goede opstart en werking van het compostvat.
Het compostvat zet je het best op een zonnige plaats. Het is handig om het vat bij de keukendeur te plaatsen zodat ook bij slecht weer het keukenafval snel naar het vat kan worden gebracht. Het vat wordt bij voorkeur op een paar tegels geplaatst. Let erop dat ook het midden van de bodemplaat goed wordt ondersteund. Zorg ervoor dat de tegels niet te ver uit elkaar liggen. Het belang van deze ondersteuning is niet enkel de stabiliteit van het vat, maar ook de circulatie van de luchtstroom onder het vat. Afbraakorganismen kruipen langs de tegels omhoog door de geperforeerde bodemplaat.
Een compostvat is gemaakt uit kunststof in een weinig opvallende grijsgroene kleur. Belangrijk is dat het vat de warmte van de zonnestralen kan absorberen zodat het materiaal in het vat opwarmt zonder dat het uitdroogt, zodat het composteringsproces aan de gang blijft.
Het compostvat heeft een speciale geperforeerde bodemplaat. Bodemdiertjes krijgen toegang langs de gaatjes en overtollig vocht kan hierlangs wegvloeien. Ook langs de rand van de bodemplaat zijn er beluchtinggaten. Langs de rand van de bodemplaat bevindt zich ook een sleuf waarin de mantel van het vat naadloos past. Door de conische vorm kan de mantel gemakkelijk worden verwijderd bij het omkeren van het materiaal. Het deksel is zo gemaakt dat het vat optimaal wordt belucht, zonder dat er regenwater kan insijpelen. Onderaan het vat is er een luik waarlangs je het composteringsproces kan opvolgen.
Bij de opstart wordt eerst grof materiaal op de bodem gelegd: takjes, snoeiafval, grof versnipperd afval van vaste planten. Dit is heel belangrijk om te vermijden dat de beluchtinggaten in de bodem verstopt raken. Daarboven komt dan de mengeling van keukenafval (dat bevat veel vocht), klein versnipperd tuinafval, laagjes gras en bruin materiaal (houtsnippers, stro…).
Belangrijk is dat men zeker één à tweemaal per week het vat ’verlucht’. Dat doe je het best met een beluchtingstok: een metalen stok met aan het uiteinde een driehoekige punt. Je steekt de stok op verschillende plaatsen in de materie, draait een kwartslag en trekt de stok terug uit het vat. Op die manier creëert men luchtpijpen waarlangs zuurstofrijke lucht in het compostvat dringt en koolzuurgas wordt afgevoerd. De verschillende lagen blijven in grote trekken op hun plaats.
Wekelijkse beluchting is belangrijk, maar ook doe je er goed aan het vat een paar keer om te zetten (om de zes maand). De mantel van het vat wordt verwijderd en het nog onverteerde compost wordt met een riek naast het vat gelegd (eventueel op plastic folie). Verteerde compost kan reeds geoogst worden. De bodemplaat wordt schoongemaakt, openingen worden vrijgemaakt. De mantel wordt terug op de bodemplaat gezet. Er wordt weer grof materiaal onderaan in het vat gelegd en het half verteerde materiaal, goed gemengd en liefst aangevuld met nieuw tuinafval wordt in het vat gestrooid. Als lucht en vochtigheidsgraad van het materiaal in orde zijn, zal de temperatuur na enkele dagen behoorlijk gestegen zijn en is de inhoud voor één derde gezakt.
Zo gebruikt zal het vat zeker niet teleurstellen en wordt de motivatie om verder te composteren aangescherpt. Niets is prettiger dan keuken- en tuinafval te herscheppen in compost die dan terug in de moestuin verwerkt wordt waardoor onze groenten nog mooier ogen bij de oogst
Geert Van Vaerenbergh
compostmeester
Lees ook
| |
| Hoe maak ik een compostbak? | Nu is het menens: “volgende lente start ik met composteren” hoor ik je al zeggen. Of je dan kiest voor een vat, een bak of een hoop, beste lezer, zal afhangen van de grootte van je tuin. We kiezen nooit voor een put. Is je tuin niet groter dan 200 m˛ of 2 are dan is een vat de beste keuze. Zet het in een hoekje, op de blote grond, tussen wat struiken, liefst uit de zon en je kunt starten. Doe eerst wat grof materiaal onderaan en vul dan aan met afval van de tuin, uit de keuken of van fruit. Is je tuin groter, dan kies je voor een bak. Is je tuin nog groter, dan zet je er bakken bij naargelang de hoeveelheid afval die je tuin en keuken levert. Ja, een bak … hier zijn we dan … hoe maken we die of kopen we er één?

Beste vriend, spaar je geld. Met wat kippendraad (mazen van 5 op 10 cm) van 60 cm hoog plooi je een mooie cirkel van ongeveer 1 m diameter. Je kunt hiermee starten. Bij een hogere draad zal de bovenrand te vlug naar binnen plooien en moet je bovendien steeds hoger heffen om de cirkel te vullen. Een bak is echter steviger. Bij grotere bedrijven vind je wel enkele paletten. Kies vooral gelijke paletten. Dat maakt de constructie gemakkelijker en mooier. Met wat handigheid schroef je 4 paletten aan elkaar. Maar hou er rekening mee dat de voorkant gemakkelijk wegneembaar moet zijn om je composthoop te keren of te ledigen. Met een paar oogvijzen en een stevige ijzeren stang is de voorkant klaar. Meerdere bakken schroef je aan elkaar, zo spaar je steeds een (tussen)palet uit.

Na verloop van tijd zal je merken dat die paletten niet eeuwig meegaan en al gauw onderaan zwakke plekken vertonen. Het hout wordt er langzaam weggevreten door je duizenden dierlijke compostmeestertjes. En je bent aan vervanging toe! Nu is het moment om wat anders te knutselen.

Even fantaseren: stel je een stapel plastic fruitbakjes voor. Die passen goed in elkaar, met gepaste insprongen of kleine pootjes staan ze stevig op elkaar. Beeld je nu in dat al die bakjes geen bodem hebben. En nu komt het: in onze gedachten vergroten we die bakjes tot een meter lang en zo’n 80 cm breed. Dat zou een prachtige compostbak kunnen zijn, die we volgens de hoeveelheid en de aanvoer kunnen verhogen met in elkaar passende elementen.

Bekijk de foto’s bij dit artikel. We vervangen het plastic door houten planken … en we gaan aan de slag! Misschien heb je nog wat planken liggen, liefst allemaal met dezelfde breedte. Of wend je tot een afbraakfirma. In een doe-het-zelfhandel gaat hout vlug wat kosten want je hebt er heel wat nodig ! Elk element bestaat uit 2 lengten en 2 breedten en nog eens hetzelfde daarboven. Aan de binnenzijde bevestig ik ze aan elkaar met een houten balkje (van 4 op 4 cm). Voor de lengte moet je even rekenen. De lengte is de som van 2 x de breedte van een plank + 6 cm. Bij het bevestigen van dit balkje in de hoek laat ik het 3 cm zakken gemeten vanaf de bovenrand van de plank. Zo maak ik nu een rechthoek. Nu bevestig ik de tweede rechthoek er onder zodat tussen de eerste en de tweede plank telkens een spatie (voor de verluchting) van 3 cm is. Wanneer deze klus klaar is merk je dat je balkje zo’n 6 cm te voorschijn komt onder de onderste plank. Dat zal dan het pootje zijn dat op zijn beurt 3 cm in het lagere systeem schuift en bijgevolg zorgt voor een spatie van 3 cm. Dat herhaal je zo voor de 4 hoeken. Het resultaat is een element bestaande uit 2 x 4 planken en 4 steunbalkjes in de 4 hoeken. Zo maak je 4 elementen die netjes op elkaar passen. Maak de lengten niet langer dan 110 cm en de breedten niet langer dan 90 cm. En voor de breedte van de planken kies je tussen 10 ŕ 12 cm. Anders worden de elementen te zwaar om op te tillen bij het keren of ledigen.

Wanneer de constructie klaar is, maak ik met een rasp de onderkantjes van de steunbalkjes wat schuin, ze passen dan gemakkelijker in elkaar. Wat zijn daar de voordelen van? Met wat ruimte (enkele m˛) is het gebruik heel gemakkelijk. Je stapelt de elementen op elkaar naargelang de aanvoer van tuinafval. Ga maar tot maximaal 4 elementen hoog. Plaats het onderste element op 4 gelijke stenen, de onderkanten van de pootjes zuigen immers gemakkelijk vocht op! Wanneer je bak vol is, moet je hem eens keren? Neem dan het bovenste element weg en plaats het naast je bak. Het grof, nog niet verteerd gedeelte van je composterend materiaal, wat bovenaan ligt dus, gooi je nu in dat element naast de beginbak en komt dus onderaan te liggen. Vul nu maar verder, steeds neem je een element weg en plaats je het op het element naast de beginbak tot je de compost van je eerste bak bereikt. Het onderste element – dat het meest natte materiaal bevatte – komt nu bovenaan te staan en kan weer uitdrogen want je bak is niet meer boordevol !
Heb je nu echt meer tuinafval, dan maak je een tweede bak. NEEM WEL DEZELFDE AFMETINGEN Bij mij staan er 3 gelijke bakken naast elkaar, aangenaam en gemakkelijk om mee te werken.. Is daar onderhoud aan? Ja, een beetje! Telkens een element vrijkomt of verplaatst wordt, maak ik van de gelegenheid gebruik om het in te strijken met gebruikte frituurolie uit de keuken. Dat heeft heel wat voordelen. Ik recycleer afvalolie. Het beschermt mijn compostbak aan binnen- en buitenzijde tegen vocht en verhoogt zo de levensduur van het hout. En het volgende vertel ik er graag bij al is het nog lang niet bewezen. Wanneer jij een frituur passeert en je snuift die heerlijke geur op, stijgt dan plots je eetlust, niet? Wel, de duizenden beestjes in je composthoop zullen steeds honger hebben en gretig je tuinafval met die heerlijk frietgeur opeten om je uiteindelijk compost te bezorgen.
En nu aan het werk, beste tuinman. Moest je toch in de knoei raken en kop noch staart aan je compostbak krijgen, mag je steeds naar mijn bakken komen kijken, na een telefoontje op 053 21 57 43.
Willy Keymeulen compostmeester Lees ook
A-loket artikels
| |
| Je krijgt van de stad 20,- EUR om thuis te composteren | Je kon je gft-container al ruilen voor een gratis compostvat. Maar ook wie liever een compostbak heeft, krijgt voortaan van de stad een duwtje in de rug.
Door je gft thuis te composteren spaar je al een sticker van 1,80 EUR per ophaling uit. Op 1 jaar tijd kan thuiscomposteren je zo al meer dan 66,- EUR besparen. De geoogste compost kun je bovendien nog in je tuin of bloembakken gebruiken. Compost verbetert de structuur en de vruchtbaarheid van je tuingrond. Je planten zullen beter bestand zijn tegen parasieten, ziekten en extreme droogte bijvoorbeeld.
Ruilactie
Ook de stad spaart kosten uit door het thuiscomposteren. Daarom bieden we je de buitenkans om je gft-container (die je misschien toch al niet of zelden gebruikt) in te ruilen voor een gratis compostvat, ter waarde van 20,- EUR. Heb je liever een, voor wat grotere tuinen meer geschikte, compostbak? Dan leg je gewoon het verschil in kostprijs met een vat bij. Dat komt neer op een opleg van 9,- EUR voor een houten bak of 50,- EUR voor een kunststof exemplaar.
Ook als je geen gft-container aanvaard hebt, of hem eerder al teruggaf zonder dat je er een compostvat of -bak voor kreeg, kom je in aanmerking voor de ruilactie.
Formulier
We maken het je zo gemakkelijk mogelijk.
1. Je belt naar ILvA op het gratis nummer 0800 941 40. Daar kijkt men de gegevens over de container op je adres meteen na. In hetzelfde telefoongesprek maak je al een afspraak voor het ophalen van je gft-container.
2. Op de afgesproken dag zet je die leeg en gereinigd op de stoep. Je hoeft er niet voor thuis te blijven. De ophaler steekt een document in je bus. Dat bevestigt dat je gft-container opgehaald werd, maar je moet er ook op verklaren dat je afstand doet van het recht op een nieuwe gft-container op hetzelfde adres.
3. Met dit ingevulde formulier kan je dan je gratis compostvat op een openingsmoment van het demonstratieterrein komen afhalen.
Heb je liever een compostbak, dan neem je eerst nog contact op met de dienst Leefmilieu om de opleg te betalen. Pas daarna kan je je bak op het demonstratieterrein afhalen.
Demonstratieterrein
Het demonstratieterrein thuiscomposteren aan de Bergemeersenstraat, tegenover het containerpark in Aalst is elke eerste en derde zaterdag van de maand van 10 tot 12 uur (uitgezonderd in de winter) open. Op het demonstratieterrein zijn o.a. compostvaten en -bakken in werking te zien. De compostmeesters van dienst leren je er meteen ook de kneepjes van het thuiscomposteren met je nieuwe aanwinst. Er liggen ook een aantal brochures met composttips voor je klaar. Een compostvat of het bouwpakket voor een compostbak past in een gewone personenwagen. Aan het demonstratieterrein zal je ook vlot kunnen parkeren.
Voor meer info kan je bij de dienst Leefmilieu zelf terecht, bij de compostmeester in je buurt of via e-mail: compost@aalst.be

Lees ook
A-loket artikels
| |
| Keuken- en tuinafval: maak er compost mee! | Ongeveer de helft van je huishoudelijk afval is verteerbaar (groente-, fruit- en tuinafval of afgekort GFT genoemd). Met wat goede wil kan iedereen die een tuin(tje) heeft, zelf dat gedeelte van zijn afval omzetten tot vruchtbare compost.
Om van GFT compost te maken hoef je niet echt speciale voorzieningen te hebben. Eén tot twee vierkante meter volstaan meestal wel om "comfortabel" te composteren. Het verteren of composteren zelf kost je vrijwel geen inspanning: allerlei kleine beestjes doen voor jou het werk. De enige voorwaarden voor een goede compostering, zonder geurhinder, zijn:
- voldoende lucht tussen het GFT-afval (af en toe even oplichten met een riek of in prikken met een beluchtingsstok volstaat);
- genoeg vocht (zit meestal in voldoende mate in het afval zelf)
en regelmatige aanvoer van "vers" afval.
Bacteriën, schimmels, slakken, wormen, pissebedden, kevers en andere nuttige organismen doen elk hun duit in het zakje bij het verwerken van het afval: het ene door het in stukjes te bijten, het andere door er beetjes af te raspen, nog andere door het afval met verterende stoffen te lijf te gaan.
De compost, die je na enkele maanden kan oogsten, kan je als bodemverbeteraar en als bodembedekker gebruiken in de tuin, je kan er je bloembakken mee vullen of je kan hem ook aan iemand schenken die er zelf geen kan maken.
Naargelang je een grote, een kleine of helemaal geen tuin hebt, kan je op verschillende manieren en plaatsen compost maken. In een grote tuin kan je composteren op een composthoop of in 1 of meer compostbakken. Die maak je zelf uit houten planken of paletten of koop je kant en klaar. Als je een kleinere tuin hebt en als het uitzicht van een compostbak je niet bevalt kan je een compostvat gebruiken. Voor wie geen tuin heeft, kan een wormenbak de uitkomst bieden. Het is een gesloten bak met een dubbele geperforeerde bodem waar je zelf compostwormen inbrengt.

Wil je het allemaal eens van dichtbij bekijken, of heb je vragen, dan kan je vanaf maart tot en met november elke eerste zaterdagvoormiddag van de maand, van 10 tot 12 uur terecht op de demonstratieplaats van de compostmeesters, aan de Bergemeersenstraat te Aalst, vlakbij het containerpark. Er zijn dan telkens twee compostmeesters-raadgevers ter plekke aanwezig die je wegwijs zullen maken in de compostwereld. Met vragen kan je natuurlijk ook steeds terecht bij de dienst Leefmilieu.
Voor meer info: meer info over thuiscomposteren op de site van VLACO (de Vlaamse compostorganisatie)
A-loket artikels
| |
| Minder tuinafval in acht stappen | Met een aantal eenvoudige trucs kan je het tuinafval sterk beperken of zelfs helemaal wegwerken. Probeer ze uit! Je vrije tijd en je geldbeugel zullen er wel bij varen!
Stap 1: minder bemesten kan geen kwaad
In een siertuin is het niet van belang dat je planten zo snel mogelijk groeien. Integendeel: te snelle groei put planten vaak uit en maakt ze vatbaarder voor ziekten. Hoe sneller je planten groeien, hoe meer werk je er aan hebt en hoe meer afval. Een slim alternatief voor meststoffen zijn bodemverbeteraars: zij brengen humus aan en maken de bodem gezonder, zonder te veel voedingsstoffen.
Stap 2: je wint bij minder gazon
Niets brengt meer afval en werk teweeg in de tuin dan een gazon. Je wint er als tuinliefhebber bij door gedeelten van je gazon om te vormen tot (struiken)border of bloemenperk. Van belang is dat je planten kiest die de bodem goed bedekken. Het onkruid krijgt geen kans en je hoeft niet om de haverklap te wieden.
Stap 3: vlug te snel
Snelgroeiende planten bieden het voordeel dat je tuin snel "gevuld" is. De keerzijde van de medaille is dat je deze planten in de jaren daarna permanent met veel snoeiwerk in bedwang zal moeten houden. Zoek dus naar een goed evenwicht tussen traag- en snelgroeiende soorten. Informeer je ook goed voor je graszaad aankoopt: traag groeiende grassen geven minder werk é® minder afval.
Stap 4: kies voor composteren
In een wat grotere tuin (> 2 aren) kies je het best voor een compostbak, in kleinere tuinen voor een vat. Een vat zet je het best op een zonnige plek, een bak in de schaduw. Zorg voor een goede mengeling van groen (groente- en fruitresten, gewiede planten) en bruin materiaal (haagscheersel, fijn snoeihout) en belucht regelmatig. Na een zestal maanden bekom je prima compost. Wil het composteren niet lukken, dan kan je steeds contact opnemen met een compostmeester. Bel naar 053 73 24 11 of mail naar compost@aalst.be en vraag welke compostmeester in je buurt woont.
Stap 5: mogelijkheden van mulching
Mulchen is een techniek waarbij je de bodem beschermt door er een laagje materiaal op te leggen. Dat kan zowel schors, houtsnippers, compost of grasmaaisel zijn. Belangrijk voordeel is dat je hiermee vermijdt dat er teveel onkruid groeit. Daarnaast bescherm je ook de bodem tegen hagel of regenbuien of uitdroging. Met een dun laagje compost en grasmaaisel stimuleer je ook het bodemleven.
Stap 6: creatief met hout
Een deel van je snoeihout kan na versnipperen (met schaar of hakselaar) op de composthoop. Houtsnippers kan je ook gebruiken als mulchingmateriaal. Stevige takken kunnen gebruikt worden in de moestuin of het "kamp" van de kinderen. Met wat overblijft kan je een houtwal maken: je legt alle takken, stengels, snippers, ... tussen twee stroken omheining en je stapelt maar. Al snel zullen vogels, nuttige insecten of egels er een ideale schuilplaats in vinden.
Stap 7: kot-kot-kot
Kippen zijn de alles-opruimers in je tuin. Ze zijn vooral dol op wormen, slakken en ander ongedierte, maar ook voor groen- of keukenresten trekken ze hun neus (of bek) niet op. Zorg zeker voor een droge en tochtvrije slaapplaats. Geef niet meer groen- en keukenresten dan de kippen in é©® dag kunnen oppeuzelen.
Stap 8: moet er nog gras zijn?
Hou kortgeschoren gazon voor de plaatsen waar je zit en wandelt in de tuin. Je kunt het afwisselen met plekken waar je het gras langer laat groeien (bv. onder bomen, naast hagen, achterin de tuin, in de boomgaard). In de stroken met langer gras, kan je bloembollen of ook in het wild voorkomende bloemen aanplanten.
Lees ook
| |
| Onze stad demonstreert hoe je compost gebruikt | De Vlaamse Compostorganisatie, VLACO vzw, werkt momenteel met een aantal steden en gemeenten demoproeven met compost in de groenvoorziening uit. Ook Aalst werkt hieraan mee.
Bij het onderhoud van ons openbaar groen komt heel wat groenafval vrij. Dit wordt selectief afgevoerd naar een composteringsinstallatie en daar verwerkt tot een waardevol bodemverbeterend middel: compost. Die compost gebruiken we dan opnieuw in onze parken en plantsoenen. Zo is de kringloop gesloten. Afval wordt grondstof. Op 18 nieuwe plaatsen in Aalst heeft de groendienst nieuwe plantsoenen aangelegd. Het gaat vooral om wegversmallingen. De grond werd er afgedekt met VLACO-compost. Het dunne laagje compost oogt mooi en verbetert de bodemstructuur. Bovendien voorziet de compost de bloembollen, bomen en struiken van voedsel. Het is nu wachten op de gekiemde bloembollen die het composttapijt zullen doorboren. Op een aantal van die plaatsen vind je een infobordje dat wijst op het compostgebruik.
Ook in je tuin is compost nuttig. Meer info vind je in de brochures ‘Tuingrond verbeteren met compost’ en ‘Met compost het jaar rond’. Deze brochures kan je gratis bestellen via www.tuingrond.be, info@vlaco.be of tel. 015 45 13 70.
Voor meer info: de VLACO-site
| |
| Wat doe je met grasafval? | In de meeste siertuinen is er een flink stuk gazon. De kinderen kunnen er heerlijk op ravotten en een graspartij geeft een extra ruimte aan de tuin. Het nadeel is wel de wekelijkse maaibeurt en de grote hoeveelheid grasmaaisel die hierbij vrijkomt. Bij enkele aren gazon blijkt de GFT-container al snel te klein en bovendien brengt dat nogal wat kosten mee. Daarom is het aangewezen om je gras zelf te composteren. Helaas, dikwijls wordt dit een fiasco. Het gras klit samen tot een ondoorlaatbare hoop stinkende afval vol met schimmel die meer lijkt op een mesthoop dan op een composthoop. Toch is het perfect mogelijk om gras tot een goede compost om te zetten, mits we enkele eenvoudige regels naleven.
Allereerst zullen we ernaar streven om de hoeveelheid maaisel te beperken. Dat kan door weinig of niet te bemesten, de graspartijen te beperken door een doordachte tuininrichting toe te passen, een versnipperaar-mulchmaaier te gebruiken, met grasmaaisel te mulchen, enz… Het overblijvende grasmaaisel kan in een bak gecomposteerd worden. Let daarbij op de volgende regels:
1. Beperk de dikte van elke graslaag in de compostbak tot 5 ŕ 10 cm;
2. Wissel en/of meng met voldoende ’bruin’ materiaal : houthaksel, bladeren, stro, enz…;
3. ’Verhooi’ eventueel vooraf het maaisel, zodat het vocht verdwijnt en niet meer gaat samenkoeken;
4. Gebruik geen compostvat om veel gras te composteren, dat is ongeschikt en te klein. Een bak is hiervoor meer geschikt;
5. Voeg geen kalk en/of compoststarters toe. Dat is overbodig en zelfs nadelig voor het composteringsproces.
Voor de enthousiastelingen Heb je enkel gras en weinig of geen ander keuken- of tuinafval, dan vind je hieronder een erg praktische manier om grote hoeveelheden gras apart te composteren.
Je maakt 2 of 3 bakken met behulp van paletten of houten palen en tuindraad. De voorkant blijft voorlopig open. De grootte van de bakken hangt af van de hoeveelheid te verwerken gras. In een bak van 1 mł kan je een 5-tal kruiwagens gras verwerken. Vóór de bakken laat je wat plaats (± 1 m). Je kan er dan gemakkelijk mengen met houthaksel. Gras is heel goed composteerbaar, als het vermengd is met houtsnippers. De ideale verhouding bedraagt 1/3 gras en 2/3 houtsnippers. Daarom heb je bij aanvang een grote hoeveelheid houtsnippers nodig.
Eerst doe je een dikke laag houtsnippers op de bodem van de 2 bakken (minstens 10 cm). Vóór de bak meng je, met een riek, het grasmaaisel met houtsnippers zodat er geen hele pakken gras tussen de houtsnippers terug te vinden zijn. Deze mengeling brengen we in de eerste bak. We doen zo verder tot het grasmaaisel op is. We laten dit nu gewoon liggen. Het grasmaaisel is na 1 week al voldoende verteerd, zodat de reeds gebruikte houtsnippers opnieuw kunnen gemengd te worden met het gras van de volgende maaibeurt. Na enige tijd moet je eventueel extra houtsnippers toevoegen.
Als de eerste bak vol is, kan je de volle bak overbrengen in de tweede, lege bak. Dit omzetten geeft een extra menging en beluchting. Zo versnelt het composteringsproces. Indien nodig, voorzie je een derde bak. Op elk ogenblik blijft er één bak leeg, zodat je de ruimte houdt om een volle bak over te zetten.
Op het einde van de zomer, na het verwerken van het laatste grasmaaisel, zet je alles nog eens om en laat je alles rusten gedurende de winter. Bij voorkeur wordt de bak afgedekt tegen de regen (bv met golfplaat). In de lente kan je deze bak dan zeven. Je hebt prima compost en de niet verteerde houtsnippers kan je opnieuw gebruiken.
Deze lange theoretische uitleg wijst zichzelf uit in de praktijk. Veel succes !
Marc Callebaut
Compostmeester | |
| Wegwijzer composteren - ik doe het zelf | Een aantal basisprincipes voor beginnende composteerders.
Voor al wie wil beginnen composteren, geven we hieronder een aantal basisprincipes van thuiscomposteren. Vergeet niet dat je bij problemen altijd een beroep kunt doen op een compostmeester. Bij de dienst Leefmilieu krijg je eerstelijnsinfo of word je doorverwezen naar een compostmeester in je eigen buurt.
Waarom composteren?
Bij afval denken we al gauw aan iets zonder waarde, iets wat weggegooid wordt. En we weten allemaal wel dat we te veel afval maken, dat we onze manier van consumeren moeten veranderen en dat we afval zouden moeten vermijden, hergebruiken en recycleren. Dat geldt zeker voor het keuken- en tuinafval, dat bijna de helft uitmaakt van ons huisvuil. Door compostering van keuken- en tuinafval ontstaat immers een zeer nuttig humushoudend product: compost.
Wat kunnen we composteren?
|
WEL COMPOSTEERBAAR
|
NIET COMPOSTEERBAAR
|
|
Alle organisch afval, dus m.a.w. wat van dieren of planten afkomstig is, zoals:
Aardappelschillen
Schillen van citrus- of andere vruchten
Groenteresten
Eierschalen
Doppen van noten
Theebladeren en –zakjes
Koffiedik en –filters
Papier van de keukenrol
Kleine hoeveelheden etensresten
Mest van kleine huisdieren ( vb. cavia )
Verwelkte snijbloemen en kamerplanten
Versnipperd snoeihout, haagscheersel
Zaagmeel en schaafkrullen
Gemaaid gras (maar niet te veel tegelijk)
Bladeren en onkruid (pas op voor onkruidzaden)
Resten uit groente- en siertuin
|
Timmerhout en grof ongesnipperd snoeihout
Beenderen en dierlijk afval
Wegwerpluiers
Aarde en zand
Saus, vet en olie
Stof uit de stofzuiger
As van de open haard
Houtskool
Kunststof
Ijzer , metaal en blik
Kattenbakvulling
|
Hoe composteer je zelf?
Begin vandaag nog je organisch keuken- en tuinafval apart te houden van de rest van je huisvuil. Een goede scheiding is immers de voorwaarde om goede compost te krijgen, of je nu thuis composteert of meedoet aan de selectieve GFT-inzameling. Wanneer je echter thuis composteert, spaar je geld uit. Je hoeft geen GFT-stickers te kleven voor de ophaling en je maakt zelf een ideale bodemverbeteraar voor je tuin. Verzamel je composteerbaar afval in een compostvat, een –bak of een –hoop (afhankelijk van je voorkeur en de grootte van je tuin). Onderaan start je altijd met wat grof, houterig materiaal. Daarna vul je geregeld aan met je keuken- en tuinafval.
START IN HET VOORJAAR OF IN DE ZOMER
Zet nooit een composthoop op of start nooit met het vullen van een compostvat bij vriesweer. Het composteringsproces komt dan immers te moeilijk op gang. Ook bij hevige regen vermijd je het best de start van een composthoop.
GEBRUIK ZOVEEL MOGELIJK VERS MATERIAAL
Het keuken- en tuinafval wordt het best zo vers mogelijk gebruikt. Vermeng het met het reeds aanwezige materiaal om uitdrogen te vermijden.
VOEG GEEN TE GROF MATERIAAL TOE
Om de afbraakorganismen voldoende toegang te geven tot het afval, mag het niet te grof zijn. Daarom knip je de stengels van bloemen, lange twijgjes, … het best in korte stukjes. Grotere takken kan je ook met een hakselaar verkleinen. Een hakselaar kan je zelf of met je buren, vrienden of familie samen kopen. Je kunt er ook één huren.
MENG GOED
De micro-organismen (bacteriën, schimmels, ... ) en kleine beestjes (wormen, …) die voor de afbraak van je afval zorgen, hebben voedsel, water en lucht nodig.Goed composteren betekent dan ook vooral goed mengen. Droog of stug afval (stro, kleine takjes, …) meng je het best met water- en voedselrijk materiaal (gemaaid gras, keukenafval, …).Het droge afval zorgt dan voor de luchtcirculatie en het natte afval voor het water en het voedsel. Zo kunnen de bacteriën en schimmels het best hun gang gaan.
Heb je enkel nat keukenafval en gras, voeg dan houtsnippers toe bij het opzetten van je composthoop. Houtsnippers kan je zelf maken of gratis verkrijgen op het containerpark.
LET OP VOOR GROTE HOEVEELHEDEN
Voeg nooit te grote hoeveelheden van hetzelfde materiaal ineens toe.Grote hoeveelheden gras of bladeren kan je gerust in je tuin uitstrooien tussen struiken en bomen. Ze vormen dan een ideale mulchlaag (deklaag ), die de groei van onkruid tegenhoudt en vermijdt dat je bodem uitdroogt.
HOU JE COMPOSTHOOP OF COMPOSTVAT IN HET OOG
Door het intense afbraakproces stijgt de temperatuur in de compost en gaan de -afbraakorganismen nog sneller werken. Bij temperaturen boven de 50°C worden zo zelfs onkruidzaden en ziektekiemen vernietigd. De hoop wordt als het ware gepasteuriseerd. Door de stijging van de temperatuur verdampt echter ook al het overtollige vocht. Let er dus op dat je composthoop (-vat ) niet te nat wordt en hierdoor afkoelt. Nat materiaal toevoegen is dan uit den boze.
BELUCHT DE COMPOST
Het proces van de compostering wordt sterk bevorderd door de compost te beluchten. Als je met een composthoop of een compostbak werkt, moet je de compost omzetten. Bij een composthoop doe je dat met een riek. Als je met compostbakken werkt, verplaats je de inhoud van de ene bak naar de andere . In een compostvat kun je met een beluchtingstok werken.
… NA ZES MAANDEN HEB JE COMPOST!
Door zelf te composteren bespaar je op je afvalkosten en maak je zelf een nieuw, nuttig product. Composteren is eenvoudig en vraagt maar een kleine inspanning. Door te composteren doe je eigenlijk wat de natuur altijd al gedaan heeft. Je laat de natuurlijke kringloop zijn gang gaan. Composteren is een biologisch proces, waarbij afgestorven leven de voedingsbodem wordt voor nieuw leven..
Composteren vraagt wat tijd. In de zomer moet je rekenen op 3 tot 4 maanden, en in de winter op 6 maanden voordat je compost gebruiksklaar is.
Compost die klaar is in het najaar kan je niet alleen als bodemverbeteraar maar ook als bodembedekker gebruiken, zowel voor bloemperken, voor struiken, als voor groentetuin. Op die manier breng je tegelijk een beschermende laag aan voor de winter en breng je een bron met humus aan voor het voorjaar.
Jozef Verleysen,
compostmeester
Voor dit artikel werd gebruik gemaakt van informatie van de OVAM. De 6 OVAM-brochures “Composteren in vaten en bakken”, “Waarheen met je keuken- en tuinafval?”, “Waarheen met je grasmaaisel?”, “Composteren in een wormenbak”, “De ecologische tuin” en “Wat pikt de kip?” kan je gratis aanvragen bij de OVAM, Stationsstraat 110, 2800 Mechelen of tel. 015 284 284. Je kunt ze ook downloaden van de OVAM-website www.ovam.be, klik daar op publicaties. Ze zijn ook verkrijgbaar bij de Aalsterse compostmeesters of op de dienst Leefmilieu.

| |
|
|
|