home-pagina
Grote Markt 3 9300 Aalst   
info@aalst.be   
053 73 23 23    
foto Thuis in de stad





Tekst onleesbaar?



contacteer de stad Aalst

archief: archievenoverzicht


Het Land van Aalst (voor 1795) 
Het Land van Aalst omvatte ongeveer het gebied tussen Schelde en Dender. Het was eerder een “kastellenij”, dit is een belangrijke heerlijkheid, dan een kasselrij of een territoriale eenheid met rechterlijke, militaire en bestuurlijke bevoegdheden. In 1050 beleende keizer Hendrik III graaf Boudewijn V met het oude “Brabant tussen Schelde en Dender”. Sedertdien behoorde het latere Land van Aalst tot het graafschap Vlaanderen. Samen met andere gebieden werd het Rijks- of Keizers-Vlaanderen genoemd. Vanaf 1248 was er te Aalst een grafelijke baljuw.

De oprichtingsdatum van het bestuurscollege van het Land van Aalst is niet meer te achterhalen, maar zou kunnen teruggaan tot het eerste transport van Vlaanderen van 1317. Dit transport geeft ook de oudste informatie over de samenstellende entiteiten. Het bestuurscollege, of het college van de 2 steden en het Land van Aalst, had hoofdzakelijk een administratieve functie voor het gehele Land van Aalst, maar had evenwel geen administratief toezicht op de steden Aalst en Geraardsbergen. De bevoegdheid beperkte zich tot het platteland. Hierin kwam verandering door het reglement van 1 juni 1786.

Territoriaal bestond het Land van Aalst uit 1) 5 baronieën, 2) een groot aantal dorpen die rechtstreeks van de graaf of andere heren afhingen en 3) Aalst en Geraardsbergen. Het gebied van Ronse maakte steeds aanspraak op een zekere autonomie. Het Land van Bornem en het Land van Ninove bleven min of meer onafhankelijke enclaves ten opzichte van het Land van Aalst.

De juridische bevoegdheid in het Land van Aalst kwam grotendeels toe aan het grafelijk leenhof Ten Stene te Aalst. Dit is één van de oudste instellingen van het Land van Aalst. Waarschijnlijk omstreeks 1170-1180 ontstonden de mannengerechten, rechtstreeks samengesteld uit grafelijke leenmannen. De Aalsterse leenmannen van de graaf werden een eerste maal genoemd in 1187. In het Land van Aalst bestond alleen het mannengerecht als rechtbank. Er was geen centrale schepenbank. Baljuw en leenmannen hadden alle justitie, hoog, middel en laag. Vanaf 1682 waren zij ook bevoegd voor alle overtredingen van de jachtwetgeving (de Siège van de Jacht).
 
Archief van het Land van Aalst, 1342-1796 (1814), 15.237 nummers.
 
Inhoud:
 
Registers van resoluties (1574-1796), 94 nrs. – Briefwisseling (1603-1814), 138 nrs. – Toezicht op de dorpen, met afkondigingen, recepissen, fiscaliteit en financiën, stukken per dorp (1582-1796), 3.767 nrs. – Militaire lasten (1604-1795), 1.618 nrs. – Fiscaliteit en financiën (1501-1795), 3.364 nrs. – Landbouw en veeteelt (1645-1795), 1.601 nrs. Bevat ook de archieven van: Leenhof Ten Steene (1342-1795, met aantekeningen tot 1804), 1.583 nrs. – Siège van de jacht (1666-1793), 579 nrs. – Comité van Waakzaamheid (1794-1975), 84 nrs. – Stukken van particulieren (1483-1810), 177 nrs.
 
 
Opmerking:
 
1.Kaarten en plannen uit dit bestand bevinden zich in het Rijksarchief Gent, Geraard de Duivelstraat 1, 9000 Gent.
2.In bijlage het archief van Frans Dominicus d’Hoop, 140 nummers.
 
Toegang:
 
 Van Isterdael (H.).Archief van het Land van Aalst 1342-1796 (1814).Brussel, A.R.A., 1994, 2 delen.

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Aalst (voor 1795) 
Reeds in de middeleeuwen was Aalst een belangrijk centrum. De stad kon beschouwd worden als de hoofdplaats van Keizerlijk Vlaanderen. Graaf Filips van de Elzas vernieuwde in 1174 de keure, die haar vroeger reeds was toegestaan door Diederik, graaf van Aalst. Heel het ancien régime door zou de betekenis van Aalst in Vlaanderen zeer beduidend blijven.

Het schependom van Aalst bestond, naast de stad zelf, uit de drie praterijen Mijlbeke, Schaarbeke en Nieuwerkerken. Zij behoorden niet alleen bestuurlijk maar ook kerkelijk, uitgezonderd Nieuwerkerken, tot de parochie Aalst. De inwoners van deze buitengebieden waren echter geen poorters, maar werden beschouwd als buitenpoorters van Aalst en vormden vooral voor de repartitie der beden en uitgaven afzonderlijke entiteiten met eigen ontvanger, pointers en setters en een eigen administratie. Voor de rest waren ze echter volledig onderworpen aan de schepenbank van Aalst.
 

Oorkondezegel stad Aalst

 
Oud archief van de stad Aalst, 1174-1796, parochieregisters tot 1802, 2.311 nummers en 326 oorkonden.
 
Inhoud:
 
Algemeenheden, 2 nrs. – Bestuurlijk archief, 817 nrs – Rechterlijk archief,
1.104 nrs. (met o.a. wettelijke passeringen 1400-1795 en staten van goed 1559-1795) – Armenzorg en kerkelijke instellingen, 160 nrs. – Hoofdcollege van het Land van Aalst, 71 nrs (verschillende stukken werden ingevoegd in het archief van het Land van Aalst, men raadplege de concordantietabellen) – Mindere wetten van het Land van Aalst, 32 nrs. (idem) – Varia, 88 nrs. – Regesten, 326 oorkonden.
 
Toegang:
 
Houtman (E.).Inventaris van het oud archief van de stad Aalst. Brussel, ARA, 1974.
Deze inventaris is in bewerking door Herman Van Isterdael en Lieve Arnouts.
Voor al uw vragen hieromtrent: lieve.arnouts@aalst.be (tel. 053 73 23 12).

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 24 augustus 2009

Deelgemeenten (voor 1795) 
Schepenbank Baardegem.
 
Baardegem behoorde tijdens het Ancien Régime tot het Land van Asse in het hertogdom Brabant. In de late middeleeuwen was de heerlijkheid in het bezit van de familie de Croy. De abdij van Affligem bezat er de meeste gronden.
 
Gemeentelijk oud archief van Baardegem, 1559-1795, 20 nummers.
 
Inhoud:    
 
Rekeningen van de zetting (1668-1694), 12 nrs.
 
Toegang:           
 
Inventaris van het oud gemeentearchief van Baardegem. Onuitgegeven inventaris nummer 122 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Schepenbank Erembodegem-Teralfene.
 
Tot circa 1670 vormden Erembodegem, Welle, Iddergem en Teralfene een bestuurlijke eenheid met één schepenbank voor de vier dorpen onder de benaming "meierij van Erembodegem". Tussen 1668 en 1675 werden Welle en Iddergem afgesplitst en kregen zowel Erembodegem-Teralfene als Welle-Iddergem een eigen schepenbank. Vanaf dat ogenblik waren er twee schepenbanken actief in de meierij, onder leiding van één meier, één baljuw en één griffier.
 
Gemeentelijk oud archief van Erembodegem, 1364-1797, 1461 nummers.
 
Inhoud:
 
Archief van de Heer (1641-1774), 6 nummers; Archief van de schepenbank (1364-1797), 1410 nummers; Archief van de heerlijkheid Van Der Elst (1595-1787), 2 nummers; Stukken van particulieren, 43 nummers
 
 
Toegang:
 
-Van Isterdael (H.). De archieven van de heer (1641-1774), de meierij Erembodegem, de schepenbank van Erembodegem-Teralfene (1364-1797) en van de heerlijkheid Van der Elst (1595-1787). Brussel, Rijksarchief te Beveren inventarissen 103, 2004, 140p.
 
-Van Isterdael (H.) en Caudron (F.). Aangiften van nalatenschap, kavelingen en wezenrekeningen van de meierij Erembodegem (Erembodegem, Welle, Iddergem en Teralfene), daarna de heerlijkheid Erembodegem-Teralfene (1580-1798). Brussel, Rijksarchief te Beveren toegangen in beperkte oplage 281, 2004, 423p.
 
Schepenbank Gijzegem.
 
Gijzegem was één van de serveplaatsen in het Land van Aalst waarvan de voogdij in de 13de eeuw toebehoorde aan de heren van Oudenaarde. Omstreeks het midden van de 15de eeuw werd de heerlijkheid gesplitst, maar in de 17de eeuw opnieuw samengevoegd. Tijdens de periode van de dubbelheerlijkheid hingen beide heerlijkheden af van het grafelijk leenhof te Aalst en hadden elk een meier en baljuw, maar één gemeenschappelijke vierschaar.
 
Gemeentelijk oud archief van Gijzegem, 1580-1800, 222 nummers.
 
Inhoud:
 
Pointingen, ommestellingen, zettingen (1670-1794), 8 nrs. – Parochierekeningen (1620-1794), 30 nrs. – Bewijsstukken bij de parochierekeningen (1620-1794), 28 nrs. – Staten van goed (1610-1795), 36 nrs. – Conditiën (1641-1794), 22 nrs. – Ferieboeken (1641-1741), 7 nrs. – Processen (1620-1750), 9 nrs.
 
Toegang:           
 
 Inventaris van het archief van de parochie en de heerlijkheid van Gijzegem. Onuitgegeven inventaris nummer 150 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Schepenbank Herdersem.
 
Herdersem behoorde toe aan de graven van Vlaanderen en werd in 1093 één van ’s graven "propre dorpen". Het kwam toen in handen van de familie van Herdersem. In 1620 verkreeg het de status van baronie. De abdij van Affligem was één van de grootste grondbezitters en hief samen met de pastoor de tienden.
 
Gemeentelijk oud archief van Herdersem, 1492-1797, 120 nummers.
 
Inhoud: 
 
Parochierekeningen (1602-1795), 22 nrs. – Staten van goed (1573-1797), 30 nrs. – Wettelijke passeringen (1457-1796), 21 nrs.
 
Toegang:  
 
Lanciet (J.-B.). Inventaris van de Baronie van Herdersem. Onuitgegeven inventaris nummer 150, 1886 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Schepenbank Hofstade.
 
Hofstade behoorde in de middeleeuwen tot ’s graven propre dorpen onder het gezag van de familie van Hofstade. Later maakte Hofstade deel uit van het persoonlijk bezit van de graaf van Vlaanderen tot de heerlijkheid in 1630 in leenpand werd gegeven aan de familie de Bette. Hofstade hing af van het grafelijk leenhof te Aalst.
 
Gemeentelijk oud archief van Hofstade, 1463-1796, 51 nummers.
 
Inhoud:          
 
 Staten van Goed (1638-1796), 19 nrs. – Wettelijke passeringen (1635-796), 11 nrs. – Parochierekeningen (1677-1772), 2 nrs.
 
Toegang:        
 
Lanciet (J.-B.). Inventaris van de archieven van Hofstade. Onuitgegeven inventaris nummer 155 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Schepenbank Meldert.
 
Het grootste gedeelte van het dorp Meldert behoorde toe aan de naburige abdij van Affligem, terwijl ook de vrouwenabdij van Vorst er uitgestrekte domeinen bezat. Tot 1258 vormden Baardegem en Meldert één parochie. Reeds in 1151 werd de uitbating van zandsteengroeven vermeld. In de 17de eeuw waren deze groeven uitgeput.
Het dorp maakte deel uit van het Land van Asse, zodat de uitoefening van het heerlijk gezag, waaronder de drie graden van de rechtspraak, in handen lag van de heren van Asse. Opperleenheer was de hertog van Brabant.
 
Gemeentelijk oud archief van Meldert, 1727, 1 nummer.
 
Inhoud: 
 
Metingboek (1727)
 
Toegang:    
 
Onuitgegeven inventaris.
 
Schepenbank Moorsel.
 
In de vroege middeleeuwen bestond Moorsel uit twee heerlijkheden : Moorsel-propre en Moorsel-kapittel. Moorsel-propre werd in 1661 tot baronie verheven. Moorsel-kapittel met het afhankelijke Gevergem werd al in 868 vermeld. Het maakte deel uit van de bezittingen van de heren van Dendermonde. In de 12de eeuw ging het met Wieze over naar het O.L.Vrouwkapittel van Dendermonde.
 
Gemeentelijk oud archief van Moorsel, 1343 (kopie); 1562-1796, 170 nummers.
 
Inhoud:
 
Landboeken (1636-1773), 8 nrs. – Parochierekeningen Moorsel, Gevergem en Wieze-kapittel (1625-1785), 15 nrs. – Rekeningen van de baronie van Moorsel (1599-1792), 10 nrs. – Staten van goed, wezenrekeningen, likwidaties, delingen (1583-1796), 33 nrs. – Wettelijke passeringen (1343-1792), 42 nrs. – Landboeken van Moorsel, Gevergem-kapittel en Wieze-kapittel (1636-1773-, 5 nrs.
 
Toegang:     
 
Inventaris van de schepengriffies van Moorsel. Onuitgegeven inventaris nummer 122 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
Schepenbank Nieuwerkerken.
 
Nieuwerkerken maakte reeds in de 14de eeuw deel uit van de bezittingen van het huis van Gavere, heren van Liedekerke. Naast de dorpsheerlijkheid had men hier ook één van de drie praterijen van Aalst.
 
Gemeentelijk oud archief van Nieuwerkerken, 1549-1795, 55 nummers.
 
Inhoud:
 
Rekeningen met bewijsstukken (1549-1770), 14 nrs. – Rekeningen van de praterij Nieuwerkerken (1770-1779), 10 nrs. – Zettingboeken van de praterij Nieuwerkerken (1792-1795), 4 nrs.
 
Toegang:        
 
Inventaris van de archieven van Nieuwerkerken. Onuitgegeven inventaris nummer 76 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
Opmerking : voor de staten van goed van Nieuwerkerken raadpleegt men deze van Aalst.
 

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Abdijen, begijnhoven, hospitalen en kloosters (voor 1795) 
 
Abdij Ten Roozen.
 
De cisterciënzerinnenabdij zou gesticht zijn in 1228 te Mijlbeke en definitief in de orde van Citeaux geïncorporeerd in 1235. In 1239 zou de abdij verplaatst zijn, maar binnen hetzelfde gehucht. In feite gebeurde deze verplaatsing maar in 1256. Volgens andere auteurs zou de stichtingsdatum 1240 zijn en de vestingsplaats Aalst buiten de muren. De abdij stond onder het geestelijk bestuur van de abdij van Baudeloo. Op het einde van de 15de eeuw zou het toezicht zijn overgedragen aan de abdij van Nijzele in Brabant. In de 2de helft van de 16de eeuw weken de zusters voor de Geuzen uit naar Keulen, waar zij 4 jaar verbleven. Hun klooster werd verwoest, maar in de 17de eeuw heropgebouwd. Op het einde van de 18de eeuw werd het klooster afgeschaft door de Franse republiek. De gebouwen werden openbaar verkocht.
 

Kaart uit het kaartboek van de abdij Ten Roozen

 
Archief van de abdij “Ten Roozen” te Moorsel, 16e eeuw-1795, 5 nummers.
 
Inhoud:           
 
Pachtboek (1768-1785), 1 nr. – Handboek van ontvangsten (1769-1795), 2 nrs. – Hergieten van de klok (1718), 1 nr. – Processtuk (16de eeuw), 1 nr.
 
Toegang:
 
Inventaris van de abdij “Ter Roozen” bij Aalst (Moorsel). Onuitgegeven inventaris 68 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Begijnhof Sint-Katerina.
 
De stichters van het Sint-Katarinabegijnhof te Aalst waren Wouter de Ghier en zijn vrouw Geertruid die in 1261 voor hun zieleheil aan de begijnen afstand deden van hun eigendom het Boudemaershof. In 1265 hechtten de schepenen en de geestelijkheid van Aalst hun goedkeuring aan de nieuwe stichting. In 1282 gaven ook de bisschop van Kamerijk en graaf Gwijde van Dampierre hun goedkeuring. In 1798 werd de kerk en het begijnhof ingericht als tempel der wet en als champ national. In 1800 werden de goederen verenigd met die van de Burgerlijke Godshuizen. Tijdens de Franse tijd bleven de begijnen, alhoewel gedwongen hun kleed af te leggen, toch het hof bewonen. Van het begijnhof Sint-Katerina te Aalst rest enkel de classicistische kerk, gebouwd in 1787 en voltooid in 1832-1837.
 
Archief van het begijnhof Sint-Katerina op de Zavel en het Weeshuis te Aalst, 1261-1791, 62 nummers en 132 oorkonden.
 
Inhoud:
 
 Rente- en pachtboeken (1460-1532), 3 nrs. – Handboeken van ontvangsten (1616-18e eeuw), 3 nrs. – Cartularium (1261-18e eeuw), 1 nr. – Jaargetijdenboek (1459-17e eeuw), , 1 nr. – Handboeken van ontvangsten van de infirmerie (1651-1738) en rekeningen (1569-1757), 11 nrs. – Handboeken van ontvangsten van de kerk (1573-1740) en rekeningen (1536-1691), 34 nrs.
 
Toegang:
 
 Inventaris van het archief van het begijnhof Sint-Katerina op de Zavel en het Weeshuis te Aalst. Onuitgegeven inventaris nummer 68 (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
Onze-Lieve-Vrouwhospitaal.
 
De oudste oorkonde waarin het hospitaal vermeld wordt dateert van 1236. In 1242 schenken de graven Thomas van Savoye en Johanna van Constantinopel een kapelanij en regelen de benoeming van een kapelaan. De statuten van 1266 verleend door bisschop Nicolaus III van Kamerijk vermelden de graaf van Vlaanderen en Henegouwen als stichter. De Aalsterse magistraat schijnt geen grote rol gespeeld te hebben. Toch beschouwt hij zich als de voogd van het hospitaal. In 1289 heeft hij een zeer belangrijke inkomstenbron aan het hospitaal geschonken : het lepelrecht. Dit recht wordt eerst in 1803 afgeschaft. Zeer groot is het hospitaal niet geweest. Eeuwenlang zijn een vijftal zusters voldoende. Op het einde van de XVIIIde eeuw blijken er negen te zijn. De wet van 7 oktober 1796 richt de Besturen van de Burgerlijke Godshuizen op, belast met de zorg voor de hospitalen en de gestichten. Volgens het besluit van 26 augustus 1797 wordt een bestuurlijke commissie van 5 leden opgericht, die voortaan de goederen van het hospitaal beheert.
 
Archief van het hospitaal Onze-Lieve-Vrouw, 1236-1815, 117 nummers en 187 oorkonden.
 
Inhoud:
 
Algemeenheden, 2 nrs. – Het religieus personeel, 8 nrs – Kapel, kapelaan en zielzorg, 3 nrs. – Zieken opgenomen in het hospitaal, 11 nrs. – Privilegies, 25 nrs. – Goederenbezit, 49 nrs. – Processen, 6 nrs. – Vreemd archief, 13 nrs. – Oorkonden, 187 nrs.
 
Toegang:
 
 Maréchal (G.).Inventaris van het archief van het Onze-Lieve-Vrouwhospitaal te Aalst. Brussel, A.R.A., 1972.
 
 
Klooster der Jezuïeten.
 
In 1620 kwamen paters uit Antwerpen naar Aalst. Het klooster en de bijbehorende school werden in 1625 gebouwd op kosten van de stad en de kasselrij Aalst. De kerk werd opgericht in 1729. Na de afschaffing van de Jezuïetenorde in 1773 gingen alle bezittingen naar de staat. In 1832 werd de school opnieuw aan de Jezuïeten toevertrouwd, alhoewel ze eigenlijk nooit uit Aalst weg waren geweest.
 
 Archief van het klooster der Jezuïeten, 1620-1774, 4 nummers.
 
Inhoud:
 
Inkomsten uit gronden, huizen en renten (1760-1773), 1 nr. – Rekening van ontvangsten van goederen (1774), 1 nr. – Akten en rentebrieven (1625-1699), 1 nr.
 
Toegang:
 
Inventaris Jezuïeten te Aalst. Onuitgegeven inventaris (leeszaal Rijksarchief Beveren).
 
 
 
Klooster der Karmelieten.
 
Het klooster der Karmelieten of de Lievevrouwenbroeders werd in 1410 door Arnold van Gaver in Liedekerke opgericht, en door paus Martinus V, door de bisschop van Kamerijk, door Filips de Goede en door pater Jan Grossi, algemeen overste van de orde van de Karmelieten, goedgekeurd. In 1497 werd het klooster om veiligheidsredenen overgebracht naar Aalst. De nieuwe gebouwen werden in 1498 door de bisschop van Kamerijk gewijd.
 
Archief van het Karmelietenklooster, 1363-1793, 6 nummers.
 
Inhoud:
 
ntvangstboek van renten (17de eeuw), 1 nr. – Cartularium (opgemaakt in 1718 en stukken bevattend van 1474 tot 1756), 1 nr.
 
Toegang:
 
Inventaris van het archief van het Klooster der Karmelieten te Aalst. Onuitgegeven inventaris nummer 61 (Leeszaal Rijksarchief Beveren-Waas).
 
 
Klooster der Wilhelmieten.
 
Het klooster van de Wilhelmieten of Sterheren zou te Aalst in 1268 of in 1428 zijn gesticht. In 1268 stond Margaretha van Constantinopel het gebruik van een kapel, opgericht door Iwein van Aalst, ter ere van Sint-Ursmarus, af aan de broeders van Sint-Guillielmus van Aquitanië. De broeders stelden zich aanvankelijk te Aalst tot taak de behoeftige pelgrims te herbergen, de leprozen en andere besmettelijke zieken in hun huis op te nemen en doden te begraven. In de 14de eeuw werden hun gebouwen meermaals door oorlogen verwoest. Pas in 1428 verkregen zij het gasthuis van O.L.-Vrouw-ter-Sterren. In 1784 werd het Wilhelmietenklooster afgeschaft. Na de verkoping en de afbraak van de gebouwen werd een deel van het beluik bij het begijnhof ingelijfd
 
Archief van het klooster der Wilhelmieten, 1789-1793, 6 nummers.
 
Inhoud:
 
Ontvangstboeken van goederen na de afschaffing (1789-1793), 2 nrs. – Bevat ook de archieven van : Kartuizers te Hérinnes en Norbertinessen te Tussenbeke.
 
Toegang:
 
Wilhelmieten en Karmelieten te Aalst, Kartuizers te Hérinnes en Norbertinessen te Tussenbeke. Onuitgegeven inventaris nr. 61 (leeszaal Rijksarchief Beveren-Waas)
 
 

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Aalst (na 1795) 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1794-1979, 319 nummers.
Toegang: 
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, 1979, pp.14-77.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1796-1892, 308 nummers.
Toegang: 
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, stad Aalst, 1992, pp.10-18.
 
-Bevolkingsregisters, 1796-1867 (bijgehouden tot 1880), 122 nummers.
Toegang:   
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.10-13
 
-Burgerlijke Hospitalen Gods- en Weeshuizen, Bureel van Weldadigheid, 1797-1968, 688 nummers.
Toegang:      
Baert (K.).Inventaris van het archief van de Burgerlijke Hospitalen, Gods- en Weeshuizen en van het Bureel van Weldadigheid van Aalst (Franse Revolutie – begin XXste eeuw). Aalst, Stad Aalst, 1977.
 

Kaart uit een atlas van de Burgerlijke Hospitalen

 
-Bouwvergunningen, 1796-1999.
Toegang:  
chronologische index via toelatingen
            1860-1877
            1889-1911
            1938-1949
            1956-1962
 
            steekkaarten      1874-1886
 
Opmerking:
voor de periode 1952-1999 voorafgaandelijk het dossiernummer opvragen bij de dienst Ruimtelijke Ordening.
 
 
Ruimtelijke Ordening
Zwarte Zustersstraat 8 zoek deze straat op het stadsplan
9300 Aalst
tel. 053 73 24 50
fax 053 73 24 59
ruimtelijkeordening.vergunningen@aalst.be

Opmerking: voor het indienen van dossiers dient steeds het postadres Grote Markt 3 9300 Aalst gebruikt te worden

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open



 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Deelgemeenten (na 1795) 
Baardegem.
 
Baardegem fusioneerde op 1 januari 1977 met Aalst. Het bevolkingsaantal groeide van 799 in 1797 tot 1.924 in 1976. Baardegem was een landbouw- en vooral woongemeente in het land van Aalst en de Denderstreek. In 1961 pendelde 62 % van de actieve bevolking vooral naar Aalst en het Brusselse.
 
-Gemeentelijk modern archief van Baardegem, 1813-1948, 88 nummers.
 
Inhoud:
Beraadslagingen en besluiten van burgemeester en schepenen (1827-1848), 1 nr. – Beraadslagingen en besluiten van de gemeenteraad (1813-1889), 4 nrs. – Bevolkingsregisters (1830-1865), 4 nrs. – Begrotingen van de gemeente (1817-1934), 10 nrs. – Rekeningen van de gemeente (1818-1934), 11 nrs. – Begrotingen van de kerkfabriek (1873-1905), 1 nr. – Begrotingen C.O.O. (1888-1907), 1 nr. – Rekeningen C.O.O. (1832-1934), 2 nrs. – Onderwijsbegrotingen (1861-1921), 2 nrs. – Onderwijsrekeningen (1848-1921), 2 nrs. – Bevat ook archieven van : Kerkfabriek (1830-1921, 4 nrs – C.O.O. (1731-1934), 5 nrs.
 
Toegang:    
W. Buntinx (red.). Oost-Vlaamse gemeenten (hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.12-15.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1903-1976, 10 nummers.
 
Toegang:  
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.77-78.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1797-1890, 24 nummers.
 
Toegang:         
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.19-20.
 
-Bevolkingsregisters, 1830-1881, 2 nummers.
 
Toegang: 
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.14.
 
-Bouwvergunningen.
 
Toegang:   
Dienst Ruimtelijke Ordening via registers van aanvragen en toekenningen 1937-1976.
Adres : zie onder.
 
Erembodegem.
 
Verliep de 19de eeuw voor Erembodegem rustig, dan bracht WO I heel wat ellende door beschietingen. De grote bloei van de gemeente kwam er vanaf de 2de helft van de 19de eeuw door de aanleg van het station op de lijn Gent-Brussel in 1858 en door de kanalisatie van de Dender in 1863-1867. Fabrieken werden opgericht langs de Dender en door deze werkverschaffing verdubbelde de bevolking bijna tussen 1850 en 1910. De 2de grote bloei kwam er in de 2de helft van de 20ste eeuw. Tussen 1960 en 1975 werden 3 industrieparken ingericht met 30 bedrijven en tewerkstelling van 2.722 personen. Toch pendelt het grootste deel van de bevolking naar Brussel.
 
-Gemeentelijk modern archief van Erembodegem, 1804-1937, 55 nummers.
 
Inhoud:
Registers van uitgaande briefwisseling (1830-1937), 18 nrs. – Kadastrale leggers, met tafels (1836-1905), 14 nrs. – Gemeentebegrotingen (1804-1879), 4 nrs. – Gemeenterekeningen (1806-1880), 5 nrs. – Begrotingen van de C.O.O. (1816-1925), 4 nrs. – Rekeningen van de C.O.O. (1827-1920), 3 nrs. – Bevat ook de archieven van : C.O.O. (1816-1925), 10 nrs.
 
Toegang:
W. Buntinx (red.). Oost-Vlaamse gemeenten (hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.34-35.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1825-1976, 24 nummers.
 
Toegang:  
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.78-79.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1798-1892, 59 nummers.
 
Toegang:
 Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.21-22.
 
-Bevolkingsregisters, 1847-1881 (bijgehouden tot 1890), 15 nummers.
 
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.15.
 
-Bouwvergunningen, 1941-1976.
 
Toegang:
Voorlopige inventaris.
 
Gijzegem.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1770-1973, 16 nummers.
 
Toegang:   
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.79-80.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1798-1892, 26 nummers.
 
Toegang:  
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.23-24.
 
-Bevolkingsregisters, 1847-1881 (bijgehouden tot 1890), 6 nummers.
 
Toegang:   
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.16.
 
-Bouwvergunningen 1935-1976
Toegang:
Steekkaarten.
 
Herdersem.
 
Herdersem was een landbouwgemeente waar de industrie beperkt bleef tot in de 20ste eeuw. Vanaf het begin van deze eeuw begon de landbouwactiviteit snel terug te lopen. De gemeente kent een groot aantal pendelaars (62,3 % in 1970). De bevolking groeide traag, van 714 in 1797 naar 1.064 in 1846, 1.756 in 1910, 2.510 in 1961 en 2.529 in 1976.
 
-Herdersem, 1796-1930, 80 nummers.
 
Inhoud:
Gemeentebegrotingen (1808-1919), 6 nrs. – Gemeenterekeningen (1812-1919, 8 nrs. – Dubbels van belastingrollen (1876-1915), 24 nrs. – Begrotingen en rekeningen van het onderwijs (1858-1921), 6 nrs. – Begrotingen C.O.O. (1843-1924), 1 nr. – Rekeningen CO.O. (1859-1924), 2 nrs. – Begrotingen (1902-1914) en rekeningen van de kerkfabriek (1807-1913), 1 nr. – Bevat ook de archieven van : C.O.O. (1803-1937), 4 nrs. – Kerkfabriek (1807-1914), 1 nr.
 
Toegang:  
W. Buntinx (red.). Oost-Vlaamse gemeenten (hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.50-52.
 
-Herdersem, Franse Revolutie-1976, 1.179 nummers.
 
Toegang:   
Podevijn (D.) en Arnouts (L.).Inventaris van het gemeentelijk archief van Herdersem (Franse Revolutie – 1976). Aalst, Stad Aalst, 1987.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1822-1975, 14 nummers.
 
Toegang:    
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.80-81.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1797-1890, 34 nummers.
 
Toegang:   
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief Aalst en van deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.25-26.
 
-Bevolkingsregisters, 1847-1867 (bijgehouden tot 1890), 3 nummers.
 
Toegang: 
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, 17.
 
-Bouwvergunningen 1941-1976.
Toegang:  
steekkaarten.
 
Hofstade.
 
De grote versnippering van de grond deed vele inwoners van Hofstade uitkijken naar bijverdiensten die zij vonden in het weven als huisarbeid (125 getouwen in 1843). De industrie kwam pas goed op gang rond het einde van de 19de eeuw, maar praktisch alles verdween tussen de twee wereldoorlogen. In 1969 werd een industriepark aangelegd, maar de tewerkstelling is beperkt gebleven zodat de gemeente veel pendelaars telt. De bevolking evolueerde van 1.473 in 1797 naar 1.888 in 1846, 3.196 in 1910, 4.624 in 1961 en 5.086 in 1976, vlak voor de fusie met Aalst.
 
-Gemeentelijk modern archief van Hofstade, 1808-1945, 55 nummers.
 
Inhoud:
Beraadslagingen en resoluties van de gemeenteraad (1821-1912), 5 nrs. – Processen-verbaal van de zittingen van het college van burgemeester en schepenen (1837-1913), 3 nrs. – Registers van ontvangsten en uitgaven (jaar XIV-1893), 3 nrs. – Militie (1835-1900), 7 nrs. – Bevat ook de archieven van : C.O.O. (1813-1915), 8 nrs.
 
Toegang:   
W. Buntinx (red.). Oost-Vlaamse gemeenten (hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.54-56.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1912-1973, 44 nummers.
Toegang:  
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.81-83.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1796-1890, 33 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.27-28.
 
-Bevolkingsregisters, 1830-1881 (bijgehouden tot 1890), 5 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.18.
 
-Bouwvergunningen 1945-1976.
Toegang:   
steekkaarten.
 
Meldert.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1836-1971, 10 nummers.
Toegang:
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, p.83.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1796-1890, 30 nummers.
Toegang:
-Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.29-30.
 
-Bevolkingsregisters, 1830-1881 (bijgehouden tot 1890), 11 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.19.
 
-Bouwvergunningen 1888-1976.
Toegang:
steekkaarten.
 
Moorsel.
 
Landbouw was in Moorsel tot in de 19de eeuw de voornaamste activiteit. Vanaf de 19de eeuw deed de industrie haar beperkte intrede en ca. het begin van de 20ste eeuw werd de snijbloementeelt geïntroduceerd. Moorsel bleef hoofdzakelijk een landelijke gemeente met een groot aantal familiale bedrijven en een beperkte industriële inplanting. Veel werknemers zijn dan ook tot de pendelarbeid verplicht. De bevolking bedroeg 1.746 inwoners in 1797, 2.829 in 1846, 3.845 in 1910, 4.887 in 1961 en 4.953 in 1976.
 
-Gemeentelijk modern archief van Moorsel, 1794-1939, 90 nummers.
 
Inhoud:
Schepencollege : benoemingen, beraadslagingen en besluiten (1828-1901), 2 nrs. – Gemeenteraad : benoemingen, beraadslagingen en besluiten (1813-1913), 6 nrs. – Ingekomen briefwisseling (1801-1870), 4 nrs. – Uitgaande briefwisseling (1810-1939), 19 nrs. – Bevolkingsregisters (1830-1845), 2 nrs. – Gemeentebegrotingen (1827-1934), 11 nrs. – Gemeenterekeningen (1819-1935), 12 nrs. – Bevat ook de archieven van : C.O.O. (1822-1922), 2 nrs.
 
Toegang:
W. Buntinx (red.). Oost-Vlaamse gemeenten (hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.85-87.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1902-1975, 17 nummers.
Toegang:
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, p.84.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1796-1890, 30 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.31-32.
 
-Bevolkingsregisters, 1830-1881 (bijgehouden tot 1890), 12 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.20.
 
-Bouwvergunningen
Toegang :
Chronologisch per jaar.
 
Nieuwerkerken.
 
-Notulen van de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen, 1802-1974, 24 nummers.
Toegang:
Baert (K.).Inventaris van het archief van Gemeenteraad en Schepencollege van Aalst en Deelgemeenten. Aalst, Stad Aalst, 1979, pp.84-85.
 
-Registers van de Burgerlijke Stand : geboorten, huwelijken en overlijdens, 1796-1890, 29 nummers.
Toegang :
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Burgerlijke Stand 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, pp.33-34.
 
-Bevolkingsregisters, 1847-1881 (bijgehouden tot 1900), 9 nummers.
Toegang:
Arnouts (L.).Voorlopige en beknopte deelinventaris van het modern archief van Aalst en deelgemeenten. Bevolking 1796-1892. Aalst, Stad Aalst, 1992, p.21.
 
-Bouwvergunningen.
Toegang:
Dienst Ruimtelijke Ordening via registers van aanvragen en toekenningen 1952-1976.
 
Ruimtelijke Ordening
Zwarte Zustersstraat 8 zoek deze straat op het stadsplan
9300 Aalst
tel. 053 73 24 50
fax 053 73 24 59
ruimtelijkeordening.vergunningen@aalst.be

Opmerking: voor het indienen van dossiers dient steeds het postadres Grote Markt 3 9300 Aalst gebruikt te worden

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 17 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur


 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open



 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Kerkfabrieken Aalst 
De parochiekerk van Aalst behoorde tot 1559 tot het bisdom Kamerijk en het aartsdiaconaat Brussel. Daarna behoorde ze tot het bisdom Mechelen, en in 1801 werd Aalst bij het bisdom Gent gehecht. Aalst was tevens het hoofd van een dekenij. Tenslotte was de Sint-Martinuskerk vanaf 1495 ook de zetel van een kapittel. Het kapittel werd in 1046 gesticht in de Sint-Gorikskerk te Haaltert. De bediening van de proost werd al in de 13de eeuw afgeschaft en vervangen door een deken of onderdeken. De statuten werden in 1673 vernieuwd. Aangezien het kapittel meer dan vier eeuwen te Haaltert was gevestigd, en het grootste deel der tienden bezat, de pastoor benoemde, en vanaf 1605 de cure bovendien verenigd werd met een kanunnikale prebende, bevat het fonds aanzienlijke gegevens betreffende Haaltert. Hetzelfde geldt voor Kerksken, waar het kapittel ook het grootste deel der tienden en het patronaatschap bezat.
De cotidianisten of quotidianen, genoemd naar de dienst die zij dagelijks te verrichten hadden ter opluistering van de kerkelijke diensten, vormden een bijzondere instelling waarvan de bisschop in 1424 de oprichting goedkeurde. De quotidianen bekwamen toen o.a. het recht om een eigen zegel te gebruiken. Zij waren aanvankelijk met 12 waaronder de pastoor van rechtswege. In 1505 werd hun aantal verminderd tot 7 wegens ontoereikendendheid van de inkomsten.
De koralen waren 6 in getal en stonden onder de leiding van een zangmeester die hen muziek leerde. Hun benoeming hing af van het kapittel dat in dat recht bevestigd werd in 1505.
 
 
-Archief van de kerk, de dekenij, het kapittel, de cotidianen en de koralen van de Sint- Martinuskerk, 1046 (kopieën); 1226-1912, 791 nummers en 108 oorkonden.
 
Inhoud:
Inventarissen (17de-19de eeuw), 2 nrs. – statuten (1605-1777), 4 nrs. – Acta capitulara (1605-1796), 9 nrs. – Prebenden (1308-1791), 60 nrs. – Goederen, cijnsboeken, renteboeken, pachtboeken, tienderekeningen (1226-1793), 50 nrs. – Boekhouding (1535-1792), 53 nrs. – Bewijsstukken bij rekeningen (1672-1792), 32 nrs. – Processen en gerechtskosten (1528-1794), 57 nrs. – Resolutieboeken van de kerkraad (1631-1850), 4 nrs. – Rekeningen (1524-1796), 32 nrs. – Goederen (1510-1797), 23 nrs. – Cotidiane (1421-1754), 41 nrs. – Koralen (1559-1707), 8 nrs.
 
Toegang:
Maréchal (G.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken (Oud Regiem).
Brussel, A.R.A., 1969, deel II, pp.221-278.
 
 
-Archief van Sint Maarten, 1508-1784, 5 nummers en 1 oorkonde.
 
Inhoud:  
Proces voor de Raad van Vlaanderen (1704-1711), 1 nr. – Renteboek (1784), 1 nr. – Losse stukken, 3 nrs.
 
Toegang:     
W. Buntinx (red.).Oost-Vlaamse kerkfabrieken (Oud Regime en hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, P.35.

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Kerkfabrieken deelgemeenten 
Baardegem : Sint-Margarethakerk.
 
De kerk van Baardegem is vermoedelijk een stichting van de abdij van Affligem. Baardegem vormde op godsdienstig gebied tot 1258 één parochie met het aangrenzende Meldert. In 1259 werden zij als afzonderlijke parochies ingericht. Voor 1570 behoorde de kerkparochie tot het bisdom Kamerijk, dekenij Brussel. Na 1570 maakte zij deel uit van het aartsbisdom Mechelen, dekenij Aalst en na het concordaat van het bisdom Gent. De kerk werd ca. 1240 in romaanse stijl opgetrokken. In 1590 door brand geteisterd, werd het schip gotisch aangepast en overwelfd.
 
-Archief van de Sint-Margarethakerk, 1343-1876, 361 nummers.
 
Inhoud:
Pastoraal, met briefwisseling van de pastoor (1642-1820), rekeningen van de pastoor betreffende de kerk en armen (1563-1801), bewijsstukken bij de rekeningen van de pastoor (1728-1811), notities van verschot voor de armen (1767-1775), 81 nrs. – Goederen van de kerkfabriek (1420-1876), 12 nrs. – Kerkrekeningen (1628-1807) en bewijsstukken (1670-1805), 123 nrs. – Bevat ook archieven van de Armentafel (14de eeuw-1876), 153 nrs. – Kapelanie van Sint Margaretha (1669-1787), 1 nr. – Kapelanie van O.L. vrouw (1686-1716, 1 nr. – Broederschap Allerheiligste Sacrament (1786, 1 nr.
 
Toegang:
Coppejans-Desmedt (H.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken (Oud Regiem). Brussel, A.R.A., 1969, deel II, pp.279-287.
 
 
Erembodegem : O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk.
 
De vroegste vermelding van de kerk van Erembodegem dateert van 1117 wanneer Burchard, bisschop van Kamerijk, de kerk aan de abdij van Affligem schonk. In 1125 verklaarden ook Boudewijn en Iwein van Aalst de kerk van Erembodegem, samen met verschillende goederen, af te staan aan de abdij van Affligem. Deze schenking werd in 1136 door Nicolaas, bisschop van Kamerijk, bekrachtigd. De moderne kerk van O.L.Vrouw Hemelvaart werd in 1953 gebouwd ter vervanging van de voormalige laatgotische, classicistisch verbouwde parochiekerk. De kerkparochie van Erembodegem, tot 1602 samen met Teralfene, maakte samen met de dekenij Aalst voor 1570 deel uit van het bisdom Kamerijk, nadien van het aartsbisdom Mechelen en na 1801 van het bisdom Gent.
 
-Archief van de O.L.Vrouw-Hemelvaart, 1499-1828, 32 nummers.
 
Inhoud:
Processtukken (1691-1781), 16 nrs. – Staat van pastoriegoederen (1753), 1 nr. – Notitieboek van de onderpastorie (1762-1828), 1 nr. – Bevat ook archieven van : Armentafel (1499-1768), 4 nrs. – O.L.Vrouw ter Murenkapel (1653-1764), 1 nr. – Sint-Amandskapel (1703-1760), 1 nr.
 
Toegang:
W. Buntinx (red.).Archieven van kerkfabrieken bewaard in het Rijksarchief te Gent (Oud regime en hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, pp.25-26.
 
 
Gijzegem : Sint-Martinuskerk.
 
De kerkparochie Gijzegem maakte voor 1570 deel uit van het bisdom Kamerijk, nadien van het aartsbisdom Mechelen en na 1801 van het bisdom Gent. De classicistische Sint-Martinuskerk werd opgericht in 1772-1776 naar de plannen van de Gentse Augustijnermonnik Filips Gobert.
 
-Archief van de Sint-Martinuskerk, 1623-1797, 201 nummers.
 
Inhoud:
Pastoraal (1665-1783), 9 nrs. – Kerkrekeningen (1627-1795), 116 nrs. – Bevat ook de archieven van de Broederschappen Gijzegem (18de-19de eeuw), 1 nr. – Armentafel (1623-1797), 63 nrs.
 
Toegang:
Maréchal (G.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken Oud Regime. Brussel, A.R.A., 1969, deel III, pp.172-176.
 
 
Herdersem : O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk.
 
De neogotische kerk van Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart, gebouwd in 1859-1860, vervangt een kerk van ca. 1100. De kerkparochie maakte oorspronkelijk deel uit van het bisdom Kamerijk, na 1559 behoorde ze tot het aartsbisdom Mechelen, nu tot het bisdom Gent. De laatgotische kapel van Onze-Lieve-Vrouw ter Veldeken of ter Linden of ten Beeldeken, werd vermoedelijk in de 12de eeuw als devotiekapel gesticht. De restauratiewerken van 1892 leidden tot de ontdekking van fresco’s uit 1474. Volgens een plaatselijke overlevering is hier Sint-Goedele begraven.
 
-Archief van de O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk, 1643-1845, 41 nummers.
 
Inhoud:
Ontvangregister (1684-1780), 1 nr. – Kasboek (1743-1790), 1 nr. – Rekeningen (1659-1845), 15 nrs. – Bevat ook de archieven van : Kapel van O.L.Vrouw ter Veldeken gezegd ter Linden (1643-1787), 7 nrs. Armentafel (1741-1782), 2 nrs.
 
Toegang:
W. Buntinx (red.).Archieven van kerkfabrieken bewaard in het Rijksarchief te Gent (Oud regime en hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, p.36.
 
 
Hofstade : O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk.
 
De gotische kerk is in oorsprong 13de eeuws. De kerkparochie behoorde tot het bisdom Kamerijk, na 1559 tot het aartsbisdom Mechelen en nu tot het bisdom Gent.
 
-Archief van de O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk, 1599-1844, 27 nummers.
 
Inhoud:
Pastoraal (1648-1844), 8 nrs. – Kerkgoederen (1599-18de eeuw), 6 nrs. – Kerkrekeningen (1652-1740), 6 nrs. – Bevat ook de archieven van : Armentafel (1660-1779), 6 nrs.
 
Toegang:
Verhelst (J.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken (Oud Regiem). Brussel, A.R.A., 1969, deel II, pp.311-312.
 
Meldert : Sint-Walburgiskerk.
 
De eerste vermelding van de kerk dateert van 1180 wanneer zij samen met het afhankelijke Baardegem door de bisschop van Kamerijk onder het patronaat werd gesteld van de abt van Affligem. De gotische Sint-Walburgiskerk werd in Meldert opgericht ca. 1363 naar aanleiding van de afscheiding van Meldert van Baardegem en de oprichting van een zelfstandige kerkparochie. De parochie bleef onder het patronaat van de abten van Affligem. Meldert behoorde tot 1559 tot het bisdom Kamerijk, aartsdekenij en dekenij Brussel.
 
Archief van de Sint-Walburgiskerk, 1540-19de eeuw, 31 nummers.
 
Inhoud:
Pastoraal met o.a. handboeken van de pastoor (1723-1747), stichtingen en testamenten (16de-18de eeuw), beurzen (17de-19de eeuw), 12 nrs. – Kerkrekeningen (1680-1774), 2 nrs. – Goederen (1599-1787), 5 nrs. – Bevat ook de archieven van : Armentafel (1599-1787), 6 nrs. – Sint-Petronellakapel (1688-1782), 2 nrs. – O.L.Vrouw ter Noodkapel (1685-1690), 1 nr.
 
Toegang:
Maréchal (G.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken (Oud Regiem). Brussel, A.R.A., 1969, deel II, pp.313-315.
 
 
Moorsel : Sint-Martinuskerk.
 
De kerk van Moorsel werd gebouwd op de puinen van de H. Sacramentskapel, vermoedelijk al in de 9de eeuw. De Sint-Martinuskerk van Moorsel klimt zeker op tot de 12de eeuw. De altaarrechten werden in 1105 door de bisschop van Kamerijk aan de abdij van Affligem geschonken. Tot 1559 behoorde Moorsel tot het bisdom Kamerijk.
 
-Archief van de Sint-Martinuskerk, 1605-1842, 2 nummers.
 
Inhoud:
Handboeken van goederen en inkomsten van de pastorie (1701-1722) en van de onderpastorie (1770-1842), 2 nrs.
 
Toegang:
W. Buntinx (red.).Archieven van kerkfabrieken bewaard in het Rijksarchief te Gent (Oud regime en hedendaagse periode). Brussel, A.R.A., 1988, p.55.
 
 
Nieuwerkerken : O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk.
 
De grote, gestuikt aandoende parochiekerk van de voormalige Aalsterse praterij was voorheen toegewijd aan Sint-Leonardus, patroon van de gevangenen. De kerkparochie van Nieuwerkerken behoorde tot 1559 tot het bisdom Kamerijk, aartsdekenij Brussel en dekenij Aalst. Na 1559 ressorteerde Nieuwerkerken onder het aartsbisdom Mechelen en in 1801 ging de gehele dekenij Aalst over naar het bisdom Gent. De classicistische O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk dateert van 1772-1774, maar heeft nog een laatgotisch koor (1563-1568).
 
-Archief van de O.L.Vrouw-Hemelvaartkerk, 1590-1809, 117 nummers.
 
Inhoud:
Kerkrekeningen (1614-1809), 50 nrs. – Goederen (17de-18de eeuw), 7 nrs. – Bevat ook de archieven van : O.L.Vrouwkapel (1688-1695), 1 nr. – Sint-Rochuskapel (1716), 1 nr. – Broederschap van de H. Rozenkrans (en H. Maagd) (1631-1770), 2 nrs. – Armentafel (1598-1775), 59 nrs.
 
Toegang:
Buntinx (W.).Archieven van Oost-Vlaamse Kerkfabrieken (Oud Regiem). Brussel, A.R.A., 1969, deel II, pp.323-325.
 

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

Kaarten en plannen 

Toegang:

Online catalogus

Topografische kaart 1895

    Bekijk de kaarten en plannen ook via de Beeldbank.

 


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op donderdag 24 november 2011

Verzamelingen 
1.Bibliotheek
 
  • Werken en tijdschriften (vooral) met betrekking tot het Land van Aalst, Aalst en zijn deelgemeenten: geschiedenis, kunst, sociaal-economisch, genealogie, …
  • Dirk Martensdrukken

Dirk Martensdruk 1509

  • Jaarverslagen der Stad Aalst : 1833-1911; 1953-1957; 1960-1974; 1976-
  • Belgisch Staatsblad, Verzameling der Wetten, Bestuurlijk Memoriaal van de Provincie Oost-Vlaanderen, Pandectes, Pasicrisie.
  • Persknipsels, 1971-

2.Iconografische verzameling

  • Verzameling oude prenten en prentbriefkaarten. Deze verzameling werd gefotokopieerd en is toegankelijk op onderwerp (gebouwen, personen, festiviteiten, deelgemeenten, ...)

 

Oude postkaart Sint Jozefscollege


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op maandag 12 december 2005

© 2013 stad Aalst