home-pagina
Grote Markt 3 9300 Aalst   
info@aalst.be   
053 73 23 23    
foto Thuis in de stad





Tekst onleesbaar?



contacteer de stad Aalst

onderwijs: lokaal flankerend onderwijsbeleid

Een nieuw beleidsdomein dient zich aan: het lokaal flankerend onderwijsbeleid. Naast de zorg voor de eigen stedelijke onderwijsinstellingen moet de stad een lokaal flankerend onderwijsbeleid uitbouwen. De rol van beheerder voor de stedelijke scholen en academies blijft onverkort bestaan en het lokaal flankerend onderwijsbeleid voegt er een nieuwe sectoroverschrijdende dimensie aan toe. Er moet een regierol opgenomen worden t.a.v. alle scholen op het grondgebied om een netoverschrijdend onderwijsbeleid te voeren.

Aalst is immers een echte scholenstad: alle niveaus en netten zijn vertegenwoordigd gaande van kleuter- tot hoger onderwijs, volwassenenonderwijs, deeltijds kunstonderwijs, centra voor deeltijds onderwijs enzovoort. Levenslang en levensbreed leren van 2,5 tot 106 jaar is mogelijk in Aalst.

Het staat vast dat er ook in Aalst heel wat gebeurt op onderwijsvlak. Deze acties zijn misschien niet door iedereen gekend en moeten beter op elkaar afgestemd worden. Dankzij het nieuw te voeren lokaal flankerend onderwijsbeleid kunnen we de verschillende onderwijsacties en -actoren bij elkaar brengen en heel wat nuttig werk verrichten met als uitgangspunt dat elke Aalsterse leerling, jong of oud centraal staat in ons onderwijsverhaal.

Onderwijs organiseren en ondersteunen gebeurt in de kleinere gemeenschappen van elke school of instelling, maar die organisatie is in vele opzichten een afspiegeling van de organisatie en ondersteuning van de hele maatschappij. Wie spreekt over onderwijs, heeft het dus ook over toegang tot infrastructuur, gezondheidszorg en milieu, kinderopvang, sociale zorg, veiligheid en mobiliteit, sport en cultuur en natuurlijk jeugd en een dynamische communicatie. Er zijn dus verscheidene raakvlakken tussen onderwijs en diverse domeinen van het lokaal beleid. Om hierop in te spelen moet de stad haar rol als regisseur opnemen en alle onderwijspartners aanmoedigen om samen een lokaal onderwijsbeleid te ontwikkelen.

Het lokaal flankerend onderwijsbeleid houdt een serieuze en boeiende uitdaging in. Er moeten heel wat onderwijsactoren en organisaties bij betrokken worden. De vele acties die nu reeds gebeuren binnen onderwijs moeten op elkaar afgestemd worden. Nieuwe noden dienen verholpen. En nog zoveel meer.

Bij het realiseren van de eerste stappen zijn er gesprekken geweest met heel wat personen uit de Aalsterse onderwijspraktijk. Iedereen is positief overtuigd dat er een dynamiek is die alleen maar sterker kan worden. Ook de stad Aalst verwacht heel wat van dit nieuwe beleid en neemt dit ter harte door de coördinatie op zich te nemen. Uiteindelijk is dit flankerend beleid geen beleid alleen van de schepen van onderwijs maar van alle beleidspersonen binnen het bestuur van de stad Aalst. Weze duidelijk dat dit beleid maar kan groeien door de inzet van de nodige middelen, zowel financieel als personeel. Eveneens is een wederzijds engagement van alle onderwijsactoren en de stad Aalst essentieel. Stap voor stap en geduldig geraken we er voor alle leerlingen in onze stad.


 
  • lokaal flankerend onderwijsbeleid

Aalsterse scholen ondertekenen Charter 'Onderwijs en kansarmoede' 
“Een schoolfactuur niet kunnen betalen is lastig, maar het feit dat anderen je minderwaardig bekijken en behandelen, doet nog veel meer pijn.” Op 29 oktober 2009 hebben alle scholen van Aalst het Aalsterse schoolcharter ‘Onderwijs en Kansarmoede’ ondertekend.

Alle Aalsterse basis- en secundaire scholen engageren zich om gelijke onderwijskansen voor elk kind na te streven en zo armoede structureel te bestrijden. Dit zal officieel gebeuren door de ondertekening van het scholencharter “Onderwijs en kansarmoede” op donderdag 29 oktober.

Het scholencharter bevestigt het groeiende engagement van alle Aalsterse scholen om de armoede te helpen bestrijden op lange termijn. Dit door enerzijds kinderen uit kwetsbare gezinnen zo goed mogelijk te ondersteunen vanuit een gelijke kansenbeleid. Anderzijds groeien ook de inspanningen naar ouders toe: ondermeer de toepassing van het kansenpastarief zorgt voor meer betaalbare schoolfacturen. Momenteel werken alle basisscholen en bijna alle secundaire scholen in Aalst aan kansenpastarief voor schoolzwemmen, culturele activiteiten en daguitstappen. Concreet hoeven 674 kinderen daardoor nooit meer thuis te blijven bij schooluitstappen! Maar daarmee is het pleit nog niet gewonnen. Met de ondertekening van een schoolcharter willen alle scholen meer werk maken van hun lange termijninzet om ALLE kinderen maximale kansen te geven. Concreet willen de scholen meer werk maken van ouderbetrokkenheid, een vlotte en duidelijke communicatie en het doorbreken van vooroordelen ten aanzien van ouders en kinderen die in armoede leven.

De kracht van dit schoolcharter is dat het school- en netoverschrijdend tot stand kon komen, in samenwerking met verschillende partners: alle Aalsterse basis- en secundaire scholen, de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB), het Lokaal Overlegplatform (LOP), OCMW Aalst, Stad Aalst, SOS Schulden op School vzw en Vierdewereldgroep “Mensen voor Mensen” vzw. De gedragenheid voor dit charter “onderwijs en kansarmoede” is groot: dit belooft alvast voor de verdere uitwerking van het charter in de komende jaren!

Enkele getuigenissen van ouders uit de Vierdewereldgroep “Mensen voor Mensen” vzw tonen aan dat het Charter ‘Onderwijs en kansarmoede’ veel kan betekenen!


“Toen mijn dochter, die nu 19 is, in het vijfde leerjaar zat, had zij een leerkracht die zich extra met haar bezighield. Ze luisterde naar haar en toonde begrip voor de moeilijke situatie thuis (we hadden toen geen elektriciteit of gas) en behandelde haar met respect. Ze stimuleerde haar om goed haar best te doen en vertelde haar hoe belangrijk het was om een diploma te behalen. In september is ze gestart met haar 2de jaar aan de universiteit. Het zal niet gemakkelijk zijn om de komende jaren door te komen want de financiële last ligt heel hoog. Maar ik zal alles doen wat ik kan om haar droom waar te maken.”

“Mijn dochtertje van 10 moest met de start van het nieuwe schooljaar een opstel schrijven over de vakantie. Ze verzon een leuke vakantie aan zee omdat ze zich schaamde dat we de hele vakantie gewoon thuis bleven.”

“Op de vorige school van mijn kinderen werd het bedrag dat je over het hele schooljaar moest betalen, direct door 10 gedeeld. Zo kon ik elke maand een deel betalen en is het voor mij haalbaar om alle schoolrekeningen betaald te krijgen.”

“Mijn dochter werd op haar vorige school vaak gepest omdat haar kleertjes niet mooi – en niet van een merk – waren. Terwijl ze toch elke dag proper verzorgd naar school ging. Ook ik als ouder ben een paar keer met mijn hoofd tegen de muur gelopen op die school. Daarom heb ik mijn dochter van school veranderd. Bij de inschrijving op de nieuwe school vertelde ik over mijn negatieve ervaringen. Ik zei dan ook tegen de directrice dat ik elke dag ging vragen hoe het met mijn dochter ging op school, omdat ik zoveel schrik had dat het hier opnieuw ging gebeuren. De reactie van de directrice was ‘geen probleem mevrouw, ik begrijp dat, ik ben zelf ook moeder.’ Die woorden hebben mij meteen gerustgesteld en kijk, mijn dochter en ikzelf voelen ons zeer welkom op school en mijn vriend heeft zich onlangs geëngageerd voor de ouderraad, helpt bij schoolactiviteiten,… Wij zijn heel tevreden.”

“Mijn zoon had al een paar keer een briefje meegekregen van de school, met de vraag dat ik naar de school zou komen. Maar hij had het verstopt, omdat hij het niet durfde afgeven en hij de stress thuis niet wou vergroten. Uiteindelijk heb ik dat briefje toch in handen gekregen. Eerst dacht ik ‘ik ga niet, want het zal toch weer slecht zijn, wat kan ik daar dan gaan doen?’ Een paar dagen later kreeg ik telefoon van de school of onze afspraak kon doorgaan. Het was een heel vriendelijke mevrouw en ze vertelde mij dat ze samen met mij eens wou bespreken welke richting mijn zoon volgend jaar zou volgen. Ze zei dat hij sterk is in tekenen en elektriciteit, maar dat zijn talen niet zo goed zijn. Ik was zo blij om te horen dat mijn zoon ook goed is in bepaalde dingen! Ik was het gewoon om altijd rood te zien staan in de agenda, er stond daar nooit iets goed bij! Als er nu iets is dat ik wil bespreken op school, dan weet ik bij wie ik terecht kan.”

“Een tijd geleden mocht mijn dochter een knuffel meedoen naar school. Ze had van haar oma een hele dure knuffel gekregen dus ging ze zo trots naar school. Eenmaal in de klas zei de juf: ‘Voor die dure knuffel heeft uw mama wel geld maar voor die vijf euro van vorige week niet.’ Mijn dochter kwam al wenend naar mij toegelopen en vertelde het verhaal. Het is al erg voor ons om in armoede te leven – hoe moet dat dan voelen voor een kind van 6 jaar?”
te contacteren dienstdienst Onderwijs - sectie Administratie
Onderwijsstraat 1 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 23 50
fax 053 73 23 52
onderwijs@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur en van 13.30 tot 16.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 13.30 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur - 's namiddags gesloten

gesloten op zater-, zon- en feestdagen

De dienst Onthaal is doorlopend open tijdens de middag.

 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op donderdag 29 oktober 2009

Decreet betreffende flankerend onderwijsbeleid op lokaal niveau 

Het nieuwe beleid werd wettelijk vastgelegd in het decreet betreffende het flankerend onderwijsbeleid op lokaal niveau in voege van 1 januari 2008. Het zet de steden en gemeenten aan om een netoverschrijdend onderwijskansenbeleid te voeren. De operationele doelstellingen van dit beleid moeten immers verband houden met het bereiken van gelijkeonderwijskansen voor elke leerling. En dit kan binnen de diverse beleidsdomeinen waarmee onderwijs gelinkt is: mobiliteit, taalstimulering, sociaal onderwijsbeleid (kansenpas), betere aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt, begeleiden van risicojongeren (time-out), bredeschoolprojecten en dergelijke meer.

Daarnaast moet de stad zijn medewerking verlenen zowel aan de controle op de leerplicht, aan het tegengaan van spijbelgedrag en aan het bevorderen van veralgemeende kleuterparticipatie.

Het decreet stelt de stad wettelijk en financieel in staat om deze hefboomopdracht ten volle te gaan vervullen. De tekst van het decreet is opgebouwd rond drie luiken: de sociale en andere voordelen, de minimale taken van een gemeente in het kader van het lokaal flankerend onderwijsbeleid en de financiële steun aan de centrumsteden en andere gemeenten ter stimulering van hun lokaal flankerend onderwijsbeleid.

Inhoud decreet

Hfdst 1: algemene bepalingen en definities.

Hfdst 2: sociale voordelen en andere voordelen.
De beperkte lijst met sociale voordelen is dezelfde gebleven zoals in decreet basisonderwijs
25/02/1997, zijnde:

  • Ochtend- en avondtoezicht buiten normale aanwezigheid;
  • Middagtoezicht;
  • Gebruik gemeentelijke infrastructuur sport en cultuur;
  • Toegang stedelijk zwembad;
  • Leerlingenvervoer( woon-schoolvervoer, nog geen uitvoeringsbesluit).

Indien deze voordelen toegekend worden aan leerlingen stedelijk onderwijs moeten deze ook onder voorwaarden toegekend worden aan leerlingen andere scholen. Nieuw is dat steden en gemeenten nu andere voordelen dan de sociale kunnen toekennen aan scholen in context van het flankerend beleid, waar dit voorheen verboden was.

Hfdst 3: leerplicht en kleuterparticipatie.
Hier wordt vastgelegd dat steden en gemeenten hun medewerking verlenen aan de leerplichtcontrole en de Vlaamse regering bepaalt de procedure. Eveneens verlenen de
gemeenten hun medewerking aan maatregelen tot veralgemeende deelname van kleuters aan het onderwijs.

Hfdst 4: flankerend onderwijsbeleid betreffende centrumsteden.
Dit hoofdstuk behelst de opmaak van een onderwijsplan (inhoudelijk en procedureel) en de mogelijkheid tot het verkrijgen van projectsubsidies onder bepaalde voorwaarden.

Hfdst 5: flankerend onderwijsbeleid: projecten in andere gemeenten.

Hfdst 6: flankerend onderwijsbeleid in Brussel.

Hfdst 7: slotbepalingen.

Conclusies verplichtingen decreet en uitgangspunten lokaal flankerend onderwijsbeleid

  1. Erkenning bevoegdheid: regierol lokaal flankerend onderwijsbeleid, naast organisator
    eigen onderwijs.
  2. In samenwerking met de lokale actoren en op diverse beleidsdomeinen.
  3. Het subsidiair beleid wordt gevoerd op het vlak van gelijke kansen.
  4. 3 decretale thema’s: leerplichtcontrole, kleuterparticipatie en spijbelbeleid.
  5. Het flankerend beleid wordt gevoerd door een onderwijsregisseur (stadsambtenaar).
  6. Het flankerend beleid wordt aangestuurd door een netoverschrijdend overlegorgaan.
  7. Het flankerend beleid wordt vastgelegd in een onderwijsplan en via concrete projecten.
  8. De regierol impliceert het vastleggen van een apart budget flankerend beleid voor de
    loonlast regisseur, projecten en eventuele voordelen.


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 4 november 2009

Nieuwe regels om je kind in te schrijven in een school in Aalst 
Sinds kort gelden nieuwe regels om je kind in te schrijven in een school. Voor kinderen die momenteel schoollopen verandert er uiteraard niks. Voor het basisonderwijs en het secundair onderwijs in Aalst zijn er gezamenlijke afspraken.

Vrije keuze
De vrije schoolkeuze is een belangrijk recht. Elke ouder kiest een school naar keuze. Als je het pedagogisch project én het schoolreglement voor akkoord ondertekent, kan je je kind inschrijven in een school. Bij de inschrijving teken je ook het inschrijvingsregister en ontvang je een inschrijvingsbewijs.

Bij elke inschrijving krijg je de volgende vragen:
- ontvangt het gezin een schooltoelage?
- verblijft de leerling buiten gezinsverband? (pleeggezin, instelling…)
- behoort het gezin tot de trekkende bevolking? (binnenschippers, kermisexploitanten, woonwagenbewoners…)
⇒ Zo ja, breng een bewijs mee naar school.
- heeft de moeder een diploma of een getuigschrift secundair onderwijs?
⇒ Voor deze vraag volstaat een verklaring op het moment van de inschrijving.

De school schrijft de leerlingen per periode in volgorde in.

Er zijn drie inschrijvingsprincipes: 

principe 1: voorrang broers en zussen en kinderen van personeel
- voor broers en zussen van al ingeschreven kinderen in de school.
- voor kinderen van personeelsleden van de school.

principe 2: sociale mix
De school schrijft alle kinderen in, maar in deze periode moet de school zich houden aan vooraf afgesproken aantallen voor bepaalde doelgroepen. Wanneer een school of klasgroep vol is, krijg je een formulier 'Mededeling van een niet-gerealiseerde inschrijving' mee of toegestuurd. 

principe 3: vrije inschrijvingen
Tijdens deze periode schrijft de school alle kinderen in zolang er plaats is.
Wanneer een school of klasgroep vol is, krijg je een formulier ‘Mededeling van een niet-gerealiseerde inschrijving’ mee of toegestuurd.

Hieronder vind je de afspraken in een overzicht:

basisonderwijs Aalst

 

principe

periode

concreet

1

broers en zussen
kinderen van personeel

tussen herfst-en kerstvakantie

liep van 5 november t.e.m. 21 december 2012

 

geen inschrijvingen

januari en februari

7 januari t.e.m. 28 februari 2013

2

sociale mix

Van 1 maart tot paasvakantie

1 maart
t.e.m. 29 maart 2013

 

geen inschrijvingen

1ste week na de paasvakantie

15 april t.e.m. 19 april 2013

3

vrije inschrijvingen

2de week na de paasvakantie

vanaf 22 april 2013


eerste leerjaar van het middelbaar in Aalst:

 

 

periodes 

1

broers en zussen
kinderen van personeel

1 februari t.e.m. 8 maart 2013

2

sociale mix

9 maart t.e.m.
22 maart 2013

3

vrije inschrijvingen

vanaf 25 maart 2013


Voor meer info kan je terecht bij de contactpersonen van het lokaal overlegplatform (LOP):

Jacky Deblaere: tel. 0479 98 97 36 voor het basisonderwijs
Fadime Köse: tel. 0473 93 89 30 voor het secundair onderwijs

Een brochure ‘inschrijven in school’ vind je op www.inschrijvingsrecht.be
Deze info vind je ook op www.lop.be.


Inschrijven in het buitengewoon onderwijs?
In het basisonderwijs kan dit vanaf maandag 22 april 2013.
In het secundair onderwijs vanaf 18 maart 2013.
Om je in te schrijven in een BuO-school heb je een attest van het CLB nodig.

Voor meer info: Inschrijvingsrecht scholen

te contacteren dienstdienst Onderwijs - sectie Administratie
Onderwijsstraat 1 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 23 50
fax 053 73 23 52
onderwijs@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur en van 13.30 tot 16.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 13.30 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur - 's namiddags gesloten

gesloten op zater-, zon- en feestdagen

De dienst Onthaal is doorlopend open tijdens de middag.

 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 6 maart 2013

Onderwijsplan 2008-2013 

Naast de oprichting van een netoverschrijdende overlegstructuur heeft de stad een onderwijsplan 2008-2013 goedgekeurd. Een beleid moet immers gestructureerd gebeuren en gepland worden. Dit plan is opgesplitst in 2 grote delen, namelijk een inhoudelijk en een procedureel deel.

In het eerste deel wordt er een overzicht gegeven van onderwijs te Aalst aan de hand van de verschillende niveaus, statistieken (schoolbevolking, GOK-cijfers, schoolse vertraging, spijbelgedrag en leerlingenstromen) en de omgevingsanalyses van het lokaal overlegplatform (LOP). Volgende hoofdstukken behandelen het beleid zelf en de link naar andere beleidsplannen van de stad die met onderwijs te maken hebben.

In het tweede deel wordt de wijze van overleg tussen alle onderwijsactoren en het verkrijgen van engagement weergegeven.

Het onderwijsplan moet opgevat worden als een groei- en werkinstrument en als een eerste aanzet om te komen tot een volwaardig lokaal flankerend onderwijs beleid.

 

Voor meer info: onderwijsplan


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 4 november 2009

Onderwijsraad stad Aalst 
Om alles in goede banen te leiden heeft de gemeenteraad d.d. 30 september 2008 de statuten goedgekeurd van een netoverschrijdende overlegstructuur, zijnde de onderwijsraad van de stad. De onderwijsraad is een netoverschrijdend advies- en overlegplatform waar met open geest en respect voor de eigenheid van de verschillende onderwijspartners onderwijsgebonden materies die een gemeenschappelijk belang nastreven kunnen besproken worden. Eveneens adviseert de onderwijsraad de stad rond thema’s onderwijs en helpt mee initiatieven te stimuleren. Het biedt tevens een ontmoetingskader voor structureel overleg, wil de communicatie bevorderen tussen de verschillende onderwijspartners en creëert de mogelijkheid voor de uitwisseling van ervaring en voorstellen.

De startvergadering van de algemene vergadering onderwijsraad vond plaats op 7 oktober 2009 in het ontmoetingshuis De Brug. Naast de algemene vergadering is er ook voorzien in een stuurgroep met een beperkt aantal leden. Zij werkt voorstellen uit die tot een overeenkomst kunnen leiden en aan de algemene vergadering worden voorgelegd. De stuurgroep kan geen fundamentele beslissingen nemen.

Mobiliteit en veilige schoolomgeving zijn eventueel uit te werken thema’s, in het bijzonder Aalst scholenstad, Aalst veilige fietsstad.

 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 4 november 2009

Projecten: Alfaklassen 

Ook in het schooljaar 2009-2010 ondersteunt de minister van onderwijs het lokaal flankerend onderwijsbeleid in de centrumsteden. Hiervoor wordt 1 500 000,- EUR gereserveerd in de Vlaamse onderwijsbegroting. Met die middelen worden er projecten gesteund in gemeenten die specifieke lokale onderwijsproblematieken kennen op het vlak van gelijke onderwijskansen. Een selectiecommissie zal een kwalitatieve selectie maken van de ingediende projecten aan de hand van volgende voorwaarden:

  1. het project beantwoordt aan een duidelijke behoefte in het onderwijsveld, met welomschreven educatieve doelstellingen en resultaten.
  2. Het project schrijft een aantal kwaliteitscriteria voor in verband met de methode, het tijdspad en de evaluatie.
  3. De budgettaire fiche die deel uitmaakt van het projectvoorstel geeft een heldere weergave van de totale kostprijs en de financieringsbronnen.

Het decreet biedt dus de mogelijkheid om projectsubsidies te verkrijgen van de Vlaamse overheid. De stad moet minimum in 20% cofinanciering voorzien. De doelstellingen van de projecten moeten passen binnen gelijkeonderwijskansen en eveneens moet er een onderwijsplan zoals hierboven weergegeven goedgekeurd zijn door de gemeenteraad. De stad heeft binnen deze subsidies 2 taalstimuleringsprojecten lopen. Voor het basisonderwijs is dit het Taalspeelbad en voor het secundair onderwijs is dit de Alfaklassen.

Behoefte project Alfaklassen

Binnen de Alfaklassen (3de schooljaar) wordt er op leerlingenniveau gewerkt door een 15-tal Alfaklasleerkrachten in te zetten, die enkele uren per week taalonderricht geven aan vooraf geteste doelgroepleerlingen.

Het organiseren van bijkomende lessen Nederlands in de "alfaklassen" waarin taalonderricht en alfabetisering centraal staat, vergroot de kansen van deze leerlingen. De lessen zijn zeer concreet, gericht op verrijking van taalregisters en op het Nederlands als instructietaal, werken intrinsiek integratiebevorderend en leggen belangrijke accenten op burgerzin (democratie, gelijkheidsbeginsel, participatie aan de school en bij uitbreiding aan de samenleving). Er zijn heel wat leerlingen die niet in aanmerking komen voor het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers, omdat ze bijv. geen nieuwkomer zijn, maar Belgen die uit Brussel naar Aalst uitwijken. Deze leerlingen spreken ook geen woord Nederlands, maar moeten plots wel in het Nederlands lessen volgen. Dit is niet vanzelfsprekend, noch voor de leerlingen, noch voor de leerkrachten. Of de leerlingen spreken thuis een andere moedertaal, maar hun kennis van de school- of instructietaal is ontoereikend.

Omschrijving project

Taalinstructie staat centraal in dit project. De alfaklassen beogen zeer concrete taalkennis (schooltaal of instructietaal) bij te brengen. De alfaklassen worden in het SO op de volgende manier georganiseerd:

  • Er wordt geopteerd voor een intensieve start gedurende de eerste helft van het schooljaar en een afgebouwde lessenreeks gedurende de tweede helft van het schooljaar;
  • Er wordt gewerkt met diverse groepen alfaklassen die volgens het niveau van de leerlingen een gedifferentieerd aantal lesuren krijgen. Afhankelijk van het kennisniveau van de leerlingen kan er ook groepsoverstijgend gewerkt worden zodat een leerling die zeer taalarm is meerdere lesuren per week kan volgen door zich bij de verschillende groepen aan te sluiten, terwijl een leerling die minder moeite heeft maar toch nog een tekort heeft aan kennis van specifieke taalregisters voor een beperktere duur kan aansluiten. Aangezien er gewerkt wordt met kleine groepjes leerlingen (max. 12 leerlingen per groep) is er ruimte voor diversifiëren en individuele leertrajecten.

Doelstellingen project

Algemene doelstellingen:

  1. De schoolloopbaan van een leerling is gelijk aan de levensloop van deze leerling. Leerlingen die in de alfaklas terecht komen worden bijgewerkt en kunnen de alfaklas weer verlaten, terwijl er weer andere leerlingen die er behoefte aan hebben, in de alfaklas kunnen stappen. Van zodra de doelstellingen voor een leerling bereikt worden, kan er een nieuwe leerling in de plaats komen.
  2. Deze leerlingen halen omwille van taalproblemen slechte schoolresultaten. De motivering van deze leerlingen daalt, schoolmoeheid en voortijdige schooluitval behoort tot de grote risico’s voor deze leerlingen. Deze (anderstalige) leerlingen hebben het sowieso moeilijk, zonder diploma wordt het voor hen nog moeilijker om een toekomstperspectief te hebben en op te bouwen. De alfaklas betekent preventief werken om deze negatieve spiraal te voorkomen en deze leerlingen echte kansen te bieden voor hun toekomst.
  3. De kost van een leerling die uit de boot is gevallen aan de samenleving is vele malen hoger: niet alleen financieel (werkloosheidsvergoedingen, leeflonen,…), maar ook het ontbreken van welbevinden van deze jongeren legt een zware hypotheek op de toekomst.

Concrete doelstellingen

  1. Wegwerken van taalachterstand bij de doelgroepleerlingen zodat hun slaagkansen verhogen en de doorstroom naar de meer algemene richtingen én uiteindelijk hoger onderwijs verhoogt.
  2. Verhogen van taalvaardigheid en woordenschatuitbreiding van deze jongeren.

Samenwerkingsovereenkomst GR

Op de gemeenteraad worden per schooljaar samenwerkingsovereenkomsten tussen de stad en de secundaire scholen te Aalst goedgekeurd voor de organisatie van het project. Er werd overeengekomen dat de secundaire scholen zich er toe verbinden in te staan voor het uitvoeren van de doelstellingen van het project Alfaklassen aan de hand van bepaalde principes en methode. De stad verbindt er zich toe een maximumtoelage van 46 080,- EUR aan de secundaire scholen uit te keren onder bepaalde voorwaarden via het rekeningnummer van de financiële cel van de scholengroep Dender nr.19 van het GO!.

Het is deze cel van het GO! die instaat voor de administratieve verwerking van de financiële kant van de overeenkomst zijnde: de uitbetaling van de vergoedingen van de alfaklasleerkrachten en andere kosten (verzekeringskosten, aankoop educatief materiaal en dergelijke).

Kerngroep Alfaklassen

Er is een kerngroep Alfaklassen opgericht samengesteld uit vertegenwoordigers van de 3 onderwijsnetten (van elk net 1 vertegenwoordiger), de deskundige-ondersteuner van het LOP SO Aalst en de coördinator van het project. Deze kerngroep is regelmatig bijeen gekomen om het project voor te bereiden, afspraken te maken, problemen te bespreken en bij te sturen indien nodig.

Overleg met de Alfaklasleerkrachten

Er is ook overleg en ervaringsuitwisseling geweest met de Alfaklasleerkrachten. Alle alfaklasleerkrachten werden uitgenodigd op deze bijeenkomsten. Ook aanwezig is de vervolgschoolcoach voor gewezen anderstalige nieuwkomers voor het secundair onderwijs, de administratieve coördinator van het vrij onderwijs, de coördinator van het project en de deskundige-ondersteuner van het LOP SO Aalst.

Overzicht leerlingen en uren Alfaklassen

In totaal maken 15 secundaire scholen voor het voltijds (+ CDBSO) onderwijs van het aanbod Alfaklassen gebruik: zowel scholen van het vrij onderwijs, als het GO! en het stedelijk onderwijs. 15-tal alfaklasleerkrachten geven les aan gemiddeld 100 leerlingen.

 

Voor meer info: Project Alfaklassen


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 4 november 2009

Projecten: Taalspeelbad 

Ook in het schooljaar 2009-2010 ondersteunt de minister van onderwijs het lokaal flankerend onderwijsbeleid in de centrumsteden. Hiervoor wordt 1 500 000,- EUR gereserveerd in de Vlaamse onderwijsbegroting. Met die middelen worden er projecten gesteund in gemeenten die specifieke lokale onderwijsproblematieken kennen op het vlak van gelijke onderwijskansen. Een selectiecommissie zal een kwalitatieve selectie maken van de ingediende projecten aan de hand van volgende voorwaarden:

  1. Het project beantwoordt aan een duidelijke behoefte in het onderwijsveld, met welomschreven educatieve doelstellingen en resultaten.
  2. Het project schrijft een aantal kwaliteitscriteria voor in verband met de methode, het tijdspad en de evaluatie.
  3. De budgettaire fiche die deel uitmaakt van het projectvoorstel geeft een heldere weergave van de totale kostprijs en de financieringsbronnen.

Het decreet biedt dus de mogelijkheid om projectsubsidies te verkrijgen van de Vlaamse overheid. De stad moet minimum in 20% cofinanciering voorzien. De doelstellingen van de projecten moeten passen binnen gelijkeonderwijskansen en eveneens moet er een onderwijsplan zoals hierboven weergegeven goedgekeurd zijn door de gemeenteraad. De stad heeft binnen deze subsidies 2 taalstimuleringsprojecten lopen. Voor het basisonderwijs is dit het Taalspeelbad en voor het secundair onderwijs is dit de Alfaklassen.

Omschrijving van het project Taalspeelbad

Het Taalspeelbad loopt het 4de schooljaar en heeft tot doel om via een taalcoach de knowhow van de leerkrachten uit te breiden om taalzwakke leerlingen te ondersteunen.

Het project schooljaar 2008-2009 liep in 3 basisscholen netoverschrijdend waarbij er gewerkt werd met de kleuters en de lagere schoolkinderen = leerlingenniveau.De leerkracht krijgt daarnaast ook de tijd en ruimte om op leerkrachtenniveau te werken. Zij probeert de eigen expertise en vaardigheden door te geven aan de leerkrachten op de 3 scholen waar zij op leerlingenniveau werkt. Zij zal werken aan deze expertiseopbouw en leren op welke manier zij deze kan overbrengen naar leerkrachten in de klas. Zo zijn die leerkrachten zelf in staat om die leerlingen met taalnoden in de eigen klas op te vangen en te begeleiden.

Dit is een meer structurele manier van werken en op lange termijn zal dit een aparte leerkracht overbodig moeten maken. Eén fulltime leerkracht (24/24) wordt aangesteld, die 21/24 in de taalklas staat en/of begeleiding biedt aan de leerkrachten en over 3/24 beschikt voor voorbereiding, overleg, individuele fiches doelgroepleerlingen, enzovoort. Het aantal uren per week begeleiding per kind en leerkracht kan verschuiven naargelang de nood en het behaalde niveau van het kind/expertise leerkracht en rekening houdend met een flexibele klasorganisatie. De aangestelde leerkracht zal dus tijdens het schooljaar 2008-2009 1 dag per week per school werken met de kinderen en leerkrachten (7 uur per dag per school = 21/24).

We hebben vastgesteld (ook vanuit de kerngroep taalbeleid LOP BaO) dat er veel meer kinderen met taalnoden zijn dan enkel in de 3 huidige betrokken scholen (cijfers opgevraagd aan alle Aalsters basisscholen), waardoor we vanaf het schooljaar 2009-2010 de inhoud wijzigen van dit project.

We starten vanaf 2009-2010 met een inhoudelijk nieuw project voor verschillende schooljaren gebaseerd op en voortbouwend op de ervaringen van dit project schooljaren 2006-2009.

Vanaf september 2009 zal de taalleerkracht voornamelijk op school-leerkrachtenniveau werken als taalcoach en een aanbod voorzien voor alle basisscholen (34 scholen) van Aalst, waardoor het bereik van het project veel groter wordt. Op die manier kunnen er meer leerkrachten op meerdere scholen deskundigheid opbouwen in het opvangen en begeleiden van kinderen met taalnoden.Voor de invulling van deze functie baseren we ons gedeeltelijk op de werking van vervolgschoolcoaches van gewezen anderstalige nieuwkomers in het secundair onderwijs.

De eerste periode zal de taalcoach het terrein moeten verkennen, de behoeften in kaart brengen en afspraken maken over wat de scholen wel en niet van haar kunnen verwachten. De taalcoach zal tijd nodig hebben om deskundigheid en ervaring op te bouwen, waardoor ze vertrouwen kan genieten van de scholen.

Wat zullen de taken zijn voor de taalcoach 

  • In de verkennende fase zal de taalcoach een zicht moeten krijgen op wat de noden/behoeften van scholen zijn en wie er allemaal ook met taalondersteuning bezig is. Ook een zicht krijgen op waarmee de scholen bezig zijn binnen hun GOKplan zal zeer nuttig zijn;
  • Inventaris van de grootste en / of dringendste noden;
  • Netwerking met de verschillende partners op het veld: scholen, zorgcoördinatoren, pedagogische begeleidingsdiensten (PBD), de ondersteuning vanuit de koepels, … ;
  • Afstemming tussen de verschillende partners op het veld: CLB, PBD, … De taalcoach zal moeten leren afbakenen wat voor haar is en wat niet: wat is voor de pedagogische begeleiding, wat is voor de 2de lijnsondersteuners, wat is voor de taalcoach?
  • Transparantie over wat wel en niet aan de taalcoach gevraagd kan worden;
  • Afbakenen doelgroep (in uitzonderlijke omstandigheden werken met leerlingen, in eerste instantie met scholen, schoolteams, …);
  • Leerkrachten kunnen wel of niet bij de taalcoach terecht met praktische vragen;
  • Klassenraden bijwonen of niet;
  • Scholen ondersteunen in hun taalbeleid. Dit betekent ook dat er een aanspreekpunt is binnen de school: directie en zorgcoördinator;
  • Ondersteuning van scholen bij pedagogische studiedagen over taalbeleid;
  • Doorverwijsfunctie voor materiaal, ook virtueel;
  • Samenbrengen van mensen die materiaal maken;
  • Ervaringsuitwisselingen mogelijk maken;
  • Opmaak draaiboek: visie over hoe de school met kinderen omgaat die tijdens het schooljaar binnenkomen en geen/weinig Nederlands kennen. Sommige scholen hebben een soort afsprakennota voor alle leerkrachten.

Doelstellingen project

Het doel van de taalcoach is dat de leerkrachten inzicht krijgen op hoe ze een kind met taalproblemen in hun klas kunnen opvangen en begeleiden.
De leerkracht moet weten wat wel kan en wat niet kan, maar vooral dat de leerling de juiste vaardigheden krijgt die hij of zij nodig heeft om toch zijn/haar weg te vinden op school. Er moet m.a.w. voldoende in zijn/haar rugzak zitten.

Algemene doelstellingen

  1. Wegwerken van taalachterstand bij de doelgroepleerlingen zodat hun slaagkansen verhogen en de doorstroom naar de meer algemene richtingen én uiteindelijk hoger onderwijs verhoogt.
  2. Sociaal-emotionele vaardigheden van de doelgroepleerlingen stimuleren en versterken, waardoor deze leerlingen weerbaarder worden in de samenleving (sociale integratie verhogen).
  3. Kwaliteitsverhoging van het huidig taalvaardigheidsonderwijs in het reguliere onderwijs via navorming van de taalleerkracht en tevens uitwisseling van ervaringen met de betrokken leerkrachten.
  4. Het project wordt vanaf september 2009 uitgebreid naar een voltijdse taalcoach die ter beschikking staat van alle leerkrachten(teams) op de basisscholen in Aalst.
  5. Uiteindelijk groeien naar een gezamelijke visie en aanpak rond taalbeleid voor de Aalsterse basisscholen.

Concrete doelstellingen

  1. Verhogen van taalvaardigheid en woordenschatuitbreiding van taalarme kinderen, gericht op de ontwikkelingsdoelen en eindtermen van het Nederlands.
  2. Aansterken van volgende attitudes leerlingen:
    - gevoelens, ideeën,… op een correcte manier kunnen communiceren naar anderen;
    - leren samenwerken, samenspelen met andere kinderen door een goede communicatie;
    - begrijpen en opvolgen van typische schoolse instructies en schooltaal;
    - zelfvertrouwen verhogen door spreekangst te verminderen en zelfvertrouwen in het zichzelf uitdrukken te stimuleren;
  3. Uitbreiden van oefenmogelijkheden in de Nederlandse taal door een doorstroom na te streven naar het sport-cultuur- en vrijetijdsaanbod in Aalst (museumbezoek, Cultureel Centrum de Werf, bibliotheek,…).
  4. Verhogen van de deskundigheid van de leerkracht in het werken met taalzwakke leerlingen om tegemoet te komen aan de taalnoden in de klas.
  5. Netwerk uitbouwen door de taalcoach.
  6. Afstemmen op elkaar van de verschillende methodes een aanpak van taalzwakke leerlingen in de scholen.
Voor meer info: Project Taalspeelbad


 naar top van pagina dit artikel afdrukken

 laatst gewijzigd op woensdag 4 november 2009

te contacteren dienstdienst Onderwijs - sectie Administratie
Onderwijsstraat 1 9300 Aalst zoek deze straat op het stadsplan
tel. 053 73 23 50
fax 053 73 23 52
onderwijs@aalst.be

OPGELET! Correspondentieadres is Grote Markt 3 9300 Aalst

Openingsuren:
maandag, dinsdag en donderdag: van 8.30 tot 11.30 uur en van 13.30 tot 16.30 uur
woensdag: van 8.30 tot 11.30 en van 13.30 tot 18.30 uur
vrijdag: van 8.30 tot 12 uur - 's namiddags gesloten

gesloten op zater-, zon- en feestdagen

De dienst Onthaal is doorlopend open tijdens de middag.

 8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  
 Ma 
 Di 
 Wo 
 Do 
 Vr 
 Za 
 Zo   
       open    momenteel open
© 2013 stad Aalst